19 juli 2019

10+3 vragen aan: Hayo Boerema

hayo boerema

Organist van het grootste orgel van ons land in wereldhavenstad Rotterdam: Hayo Boerema. Dit jaar werd hij veertig. Zijn geboortejaar deelt hij ook nog eens met het grote Marcussen-orgel in de Laurenskerk. Tijd voor een interview. Arjen van Kralingen stelde Hayo 10 + 3 vragen.

Blijkens de lovende kritieken op de platen die Hayo maakte, zijn de 85 registers van het hoofdorgel voor hem een rijk mengpaneel. Cd’s met werk van Widor, Vierne, Alain en Duruflé verschenen al. Vrijwel geen recensent stelde vragen bij de match Franse romantiek/vroeg-modernen en Marcussen; wel had een recensent het over de toverkunst van Boerema. Bij het beluisteren van de cd met de complete vocale werken van Duruflé maak je na enkele ogenblikken zelfs ongewild de check of dit inderdaad uit de Laurens komt!

In Rotterdamse orgelkringen is de naam Hayo misschien al wel een cultname geworden, zoals de chef-dirigent van het Rotterdams Philharmonisch Orkest inmiddels natuurlijk kortweg Yannick heet. Hayo’s veertigste verjaardag valt vrijwel samen met de veertigste verjaardag van het hoofdorgel (Marcussen, 1973). Vorig jaar (vrijdag 13 april) gaf Hayo zijn feestje. Collega-organisten en de Laurens Cantorij luisterden zijn verjaardag op met muzikale cadeautjes. Jan Hage opende met Marchands Dialogue waarin hij speels Happy birthday to you verwerkte. De stemming was er meteen.

Op zondag 8 december 2013 volgt de verjaardag van het hoofdorgel, indertijd ingespeeld door grootheden als Marie-Claire Alain, Albert de Klerk, Peter Planyavsky, Arie J. Keijzer en natuurlijk titulaire Johann Th. Lemckert. Hayo Boerema speelt het programma van het inaugurele concert op zondag 8 december weer.

Twee feestjes, hoewel er ook zorgen zijn: hoe houden we de unieke klank van het transeptorgel (Marcussen 1959, nog geïntoneerd door Sybrand Zachariassen!) veilig en hoe kunnen onderhoud van het hoofdorgel en versterking van het indrukwekkende klankconcept harmoniëren?

Redenen genoeg om de virtuoze titulaire van de Rotterdamse orgelreus, Hayo Boerema, te interviewen.

1. Vorig jaar werd je 40 jaar en je vierde het met een bijzonder concert. Hoe kijk je erop terug?
Met veel genoegen! Ik vond het bijzonder symphatiek van mijn collega’s (Geert Bierling, Bas de Vroome, Wiecher Mandemaker, Aart Bergwerff, Elske te Lindert en Jan Hage) dat ze bereid waren om pro deo mee te werken aan dit concert. Het was een erg mooie avond. Bovendien heeft het veel geld opgebracht voor de restauratie van het transeptorgel, en daar ging het ook om.

2. Dit jaar wordt ‘jouw’ hoofdorgel 40 jaar oud. Hoe gaat dit jubileum gevierd worden?
Op 8 december van dit jaar is het exact 40 jaar geleden dat het grote orgel werd ingewijd. Ik zal de werken die tijdens het concert destijds zijn gespeeld ook nu weer spelen. En wat er verder gebeurt, is nog niet helemaal beklonken, maar dat zullen jullie te zijner tijd zeker vernemen.

3. Bij de feestelijke ingebruikname van het hoofdorgel in 1973 was er kritiek op de klank van het hoofdorgel Zelfs ‘macho’ werd genoemd. Is de kritiek inmiddels verstomd?
Ik hoor tegenwoordig vooral verbazing over hoe zeer het eigenlijk ‘wel meevalt’. De tijdsgeest was een andere dan nu. De akoestische situatie is nu anders en er treedt ook gewenning op. (Met een knipoog:) En ja, als je 40 bent geworden dan wordt je vanzelf wat milder gestemd.

4. Drie componisten die je graag speelt op het hoofdorgel …
Natuurlijk als eerste Bach, gewoon om dat het Bach is. Maar dat is vanzelfsprekend. Verder zijn het Duruflé, Alain en Messiaen.

5. Drie componisten die je liever niet speelt op het hoofdorgel …
Dat is nu het leuke: die zijn er niet! Ja misschien toch één, tot mijn zeer grote spijt: Franck. Voor Franck, toch een van mijn absolute lievelingscomponisten, mis je toch de brede grondstemmen. En de Hobo!

6. We hebben gehoord dat het hoofdorgel groot onderhoud krijgt/ gereviseerd wordt. Is er al een orgelmaker bekend die die klus mag gaan aanpakken?
Dat hebben jullie dan niet helemaal goed gehoord: het is de bedoeling dat het grote orgel een revisie krijgt. Maar eerst is het transeptorgel aan de beurt en dan pas kijken we verder. De tijd zit nu even niet mee: het gaat een hoop geld kosten. Toch wordt het steeds noodzakelijker dat er wat gaat gebeuren. Ik hoop er het beste van…

7. Welke visie hebben jullie op de toekomst van het hoofdorgel, wat betreft klankgeving? Welke opdracht krijgt de orgelmaker?
Het is de bedoeling dat er een tweede speeltafel beneden komt, en dat het orgel een setzer krijgt. Tevens moet er goed gekeken worden naar de klankopbouw van het orgel. Er zitten een paar flinke missers in het concept (naar mijn mening, zeg ik er bij) die zonder al te grote ingrepen op te lossen zijn. Denk daarbij aan het gebrek aan grondtoon, het gemis van de Hobo, het pedaal dat te zacht is etc. Het bijzondere van dit orgel is dat het ondanks deze gebreken toch zeer veel fraais te bieden heeft. Dat roept dus juist de vraag op in hoeverre je wel moet ingrijpen in het bestaande. We moeten dus zoeken naar een concept waarbij er zo weinig mogelijk ingegrepen wordt. Met enkele goed gekozen toevoegingen zou je al een heel eind kunnen komen. Maar goed, dat wordt dus nog een leuke zoektocht. Wordt vervolgd.

8. Wat zijn de plannen met het kleine zusje in het transept?
Als alles meezit gaat voor de zomervakantie nog de opdracht uit tot restauratie. Aart Bergwerff heeft een rapport opgesteld. Het idee is: enkel herstel en schoonmaak, géén herintonatie, want die is juist zo uniek.

9. Heb je je programma voor het feestelijke jubileumconcert van zondag 8 december 2013 al klaar? Wat kunnen we verwachten?
Dat zal dus bestaan uit werken die destijds ook zijn gespeeld. Er is destijds een hele week van concerten gehouden door de grootheden van toen. Naast Johann Lecmkert waren er concerten van Albert de Klerk, Arie Keijzer, Marie-Claire Alain, Peter Planyavski. Dus er valt veel te kiezen!

10. Op jouw verjaardag werd de cd Revive! Gepresenteerd, maar daarop prachtige oude opnamen, onder anderen Albert de Klerk met Sweelinck op het transeptorgel. Veelbelovend stond er Vol. 1 op de cd. Wanneer komt Vol. 2?
Dat is zeker de bedoeling! Er zijn in de jaren 70 veel opnames gemaakt. We moeten er een keuze uitmaken. Dat is een gedoe…. Bovendien liggen er eerst wat andere zaken die geregeld moeten worden rondom de restauratie. Maar we komen zeker met een vervolg.

11. Je cd’s uit de Laurens werden heel positief ontvangen door de pers. Over de cd met koorwerken van Duruflé, waarin jij de orgelpartij verzorgde, schreef iemand dat je kon toveren: je ontlokt heuse Frans-symfonische klanken aan het hoofdorgel. Een geheim?
(lachend) Zeker!

12. Als er nog een vijfde orgel in jouw kathedraal zou worden geplaatst, wat zou dat voor instrument moeten worden?
O, dat is heel duidelijk, en ook daar hebben we al ideeën over: een uitbreiding van het Koororgel. We willen tegenover het huidige koororgel een tweede kas met een hoofd-, zwelwerk en pedaal met een losstaande speeltafel van waar af je de beide orgels kunt bespelen. Een beetje Engels, zeg maar, maar dan op z’n Rotterdams. Er gebeuren zóveel dingen juist in het koor van de kerk (concerten, tal van diensten zoals evensongs) dat het nodig is om die uitbreiding te hebben. Echt, als het allemaal lukt, dan wordt de Laurens het walhalla van Nederland wat koor- en orgelmuziek betreft! Je moet ambitie hebben, nietwaar?

13. Geef een top en een tip voor de orgelcultuur in Nederland in onze tijd…
Een top vind ik het initiatief van Het Orgelpark. Het orgel heeft als kerkinstrument een vreselijk imago gekregen. Daar valt zeer veel over te zeggen, dat ga ik nu niet doen (zou ik graag willen! Misschien een tip voor een volgende keer?. Het Orgelpark is heel bewust bezig een nieuw publiek te genereren door het orgel als instrument in heel zijn breedte te gebruiken: als solist, als begeleider, als improvisatiemedium, als historisch gegeven, voor nieuwe muziek, voor cross-overs, echt alles. Er is (voor zover ik weet) geen plek ter wereld waarin dat zo uitgebreid en op zulk hoog niveau gebeurt als in het Orgelpark. Ik kan daar niet voldoende de loftrompet voor opsteken. Top!

Een tip, in de zin van: uitstekend concept voor de promotie van het orgel, vind ik deelname van het orgel in grote festivals. Mensen zijn echt festivalgangers geworden, althans dat merken we in Rotterdam. Dat is ook een festivalstad bij uitstek. Het zijn er hier al zoveel, in de zomer is er elk weekend één! Ze hebben ze bij elkaar geveegd onder de noemer ‘Zomerfestivals’. We proberen daar bij aan te sluiten (denk aan het North Sea Jazz festival en het Gergiev-festival) en dat levert altijd veel en zeer divers publiek op. Ook een eigen festival doet het goed, zoals bij ons de Rotterdamse Orgeldagen, of in Utrecht destijds Festival voor de wind, nu Connecting Arts, of zoals vorig jaar in de Aa-kerk in Groningen bij de heringebruikname aldaar.

Een festival biedt de mogelijkheid het orgel echt ’naar buiten’ te brengen, het is overzichtelijk en compact, het laat zich goed in de markt zetten qua publiciteit omdat je kunt aansluiten bij iets wat er al is.

 

© 2013 fotografie Hiba Vink

X