RECENSIE Improvisaties en orgelwerken van Wolfgang Rihm

Als componist geëerd worden met de uitgave van je complete oeuvre voor orgel, met als toegift twee cd’s met interviews en orgelimprovisaties. In landen als  Duitsland komen zulke producties meer voor dan in Nederland (helaas) het geval is … Het label Cybele (Willem Tanke nam er ook voor op) documenteerde het complete oeuvre van Wolfgang Rihm.

Rihm (*1952) mag bij ons dan niet bekend zijn (wel wijdde het Doelenkwartet een cd aan zijn werken), dit is evenwel een belangwekkende productie. Allereerst is het interessant om de componist als persoon beter te leren kennen, ten tweede hoor je de directe link tussen improvisatie en compositie en tenslotte speelt organist Martin Schmeding subliem!

In twee werken wordt er gebruik gemaakt van instrumentalisten (percussie en vocalisten). Het bespeelde orgel in de composities is de Klais in de St. Stephan in Karlsruhe, de woonplaats van de componist. Het is een in de kern neobarok-orgel, wat echter door het nieuwe Auxiliar-werk ook een forse symfonische kant heeft.

Orgelwerken

De meeste orgelwerken dateren uit de jaren ’60 tot halverwege de jaren ’70 van de vorige eeuw. In een aantal werken zijn concrete inspiratiebronnen hoorbaar (zoals in de Fuge in c-moll, Bach in het thema, Reger in de uitwerking). In de meeste werken toont Rihm zich puur en eigenzinnig zonder de luisteraar het gevoel van onnavolgbaarheid te geven. Stukje bij beetje be- en herluisteren en zodoende veroveren is eigenlijk dé manier om deze werken te leren kennen.

Een treffend citaat van de componist ‘Wat ik veroverd heb, is het vrije componeren zonder enige vorm van systeem’. In tegenstelling tot zijn improvisaties zijn veel van Rihms composities kort; het lijkt of de componist zorgvuldig alles op de goede plek heeft ‘gezet’. Die beknoptheid zorgt er wél weer voor dat ook de luisteraar die minder heeft met moderne orgelmuziek, zich stukje bij beetje kan verdiepen. 

Wat daarbij zeker helpt is de duidelijkheid die vertolker Martin Schmeding door zijn spel en registraties weet te scheppen. Zo wordt bijvoorbeeld de Phantasie in e-moll juist door die klankkleuren een zeer overzichtelijk werk. Ook poëzie is er te vinden, al zijn die werken spaarzaam: ausserst Langsam uit Sinfoniae I en het Preludium (of Fantasie, met een minimal-deel) zijn daarbij mijn favorieten …

Ook het gebruik van reeksen komt soms voor, zoals in Pietà. Omdat idioom, thematiek en vorm altijd duidelijk blijven, zit er voor de luisteraar voldoende systeem in …  Een werk dat op die gedachtegang voortborduurt is Siebengestalt voor orgel en tam-tam; alleen al door de enorme galm van de kerk een indrukwekkende ervaring. 

Componisten en humor vormen vaak een lastige combi; Rihm weet in Clamatio echter diverse herkenbare dingen die het leven van een organist kenmerken, te verwerken. Daarbij mogen ook registranten en ‘koorleden’ meedoen. Iets dergelijks gebeurt in ‘Bann, Nachtschwärmerei’ waarin in een donkere en stille kerk de organist zich door buitenmuzikale geluiden uit zijn concentratie laat halen – of juist laat inspireren? Dit werk verdient zeker een uitvoering in (bijvoorbeeld) onze Utrechtse Dom …

Improvisaties

‘Sehr sensuelle fruchte’ noemt de componist zelf zijn improvisaties. Een andere uitlating is dat hij visioenen had om een wedergeboorte van Reger te zijn, of voortzetter van de Franse orgelsymfonische stijl. Van beiden horen we wel hints ‘in de richting van’, maar platte kopieën zijn het niet. Ook al is dit vijftig jaar geleden puur ter documentatie opgenomen, de Toccata über B-A-C-H en Variationen über ein Barock-Thema zijn prachtig. Vooral het vanuit een hele brave zetting toewerken naar de eigen stijl en invallen in de variaties, en het consequent doorwerken van de thematieken in de toccata brengen je op de punt van je stoel. Deze werden opgenomen op het Scherpf-orgel van de St. Peter und Paul, eveneens in Karlsruhe. 

Tevens krijgt de luisteraar uitgebreide documentatie (in foto’s en teksten) plus een extra interview met Martin Schmeding. Dit alles op het hoogste niveau uitgewerkt, waarlijk een document waarop uitgever en componist terecht trots kunnen zijn.


Wolfgang Rihm und die Orgel

sowie Aufnahmen mit der Originalstimme von Wolfgang Rihm

Martin Schmeding, Klais-orgel, Pfarrkirche St. Stephan, Karlsruhe;

Cybele Records – 4SACD KIG 012, TT 182’09 + 53’10 + 29’04 +43’56, booklet 111 p. DU/EN, € 32,90 | cybele.de

Wolfgang Rihm (*1952) improvisiert an der Orgel

Wolfgang Rihm an der Wolfgang Scherpf-Orgel von 1965, Pfarrkirche St. Peter und Paul, Karlsruhe-Durlach

Improvisationen II-VI, Präludium und Fugue Nr. 2, ‘O Du mein Volk, was tat ich Dir’, Variationen über ein Barock-Thema, Toccata über B-A-C-H

Cybele Records – SACD H061805, opname ca. 1970, gerestaureerd 2019, TT 70’22, booklet 31 p. DU/EN