RECENSIE La Vitalité – Ayako Nagami

Vitaliteit, levenskracht, is het motto dat organist Ayako Nagami aan deze cd geeft. Tijdens de pandemie van verleden jaar dacht zij – naar eigen zeggen – diep na over de existentiële vraag ‘waarom leven we eigenlijk?’.

Het luisteren naar muziek via livestreams, die tijdens de lockdown zovelen bereikten, bracht Nagami op het idee om deze cd te produceren en zo anderen te laten delen in de vitaliteit van de muziek. Dat is natuurlijk een wel heel nobele motivatie.

Yokohama is eigenlijk een voorstad van Tokyo, maar dan wel een voorstad met bijna vier miljoen inwoners. In deze megastad bevindt zich Casa d’Angela, het huis van de engelen. Het is een complex bestaande uit een soort kapel met glas-in-lood-vensters, horecafaciliteiten en bijbehorende ruimtes. Het gebouw staat ten dienste van trouwlustigen, die het voor hun huwelijksvoltrekking kunnen huren. De kapel, die aan honderd gasten plaats biedt, is de entourage voor het ceremoniële huwelijksritueel. Daar bevindt zich ook een orgel, waarvan Ayako Nagami de vaste bespeelster is. Althans: dat leid ik af uit haar tijdlijn op Facebook.

Na haar opleiding in Tokyo, waar zij een eerste prijs voor orgel behaalde en zich specialiseerde in de kamermuziek van de Barok, studeerde Ayako Nagami verder in Europa. Onder anderen Jan Willem Jansen, Michel Bouvard en Français Espinasse waren haar docenten. 

Italiaanse trekken

Japan – zelf ben ik er nooit geweest – kent een jonge orgelcultuur. Het oudste orgel werd in 1954 door Klais in de Church of World Peace in Hiroshima gebouwd. Sindsdien zijn er, vooral door Europese orgelbouwers, zo’n tweehonderd nieuwe orgels gebouwd voor concertzalen, christelijke kerken en aula’s van hogescholen en universiteiten.

Het orgel van de Casa d’Angela is in 2005 geleverd door de Italiaanse firma Zanin. Het heeft 22 stemmen op twee manualen en pedaal. Het instrument heeft typisch Italiaanse trekken, zoals een ripieno, waarvan alle mixtuurkoren afzonderlijk registreerbaar zijn, een tirapieno waarmee die koren tegelijk in- en uitgeschakeld kunnen worden, een zwevende Voce Umana en een kenmerkend kortbekerig tongwerk, de Tromboncini. Daarmee is niet gezegd dat het alleen of vooral voor Italiaanse muziek geschikt zou zijn.

Barokmuziek

Voor het recital stelde Nagami een programma samen dat grotendeels, maar niet uitsluitend uit barokmuziek bestaat. Het eerste deel van het programma is – begrijpelijk – gewijd aan Italiaanse muziek. Meteen aan het begin laat ze het ripieno horen in een spannend gespeelde toccata van Frescobaldi. Zijn hymne ‘Ave Maris Stella’ en een kort werk van Pasquini completeren het Italiaanse deel van het programma. 

Voor de uitvoering van Georg Böhms aria ‘Jesu, du bist allzu schöne’ neemt Nagami uitvoerig de tijd. De vele variaties bieden haar de gelegenheid allerlei fraaie registercombinaties te laten horen. In een langzaam deel komt dan ook de fraaie Voce Umana tot klinken. Het gebruik van de tremolo wordt niet geschuwd.

De uitvoering van de speelse fuga in C (BuxWV 174) van Buxtehude is heel evenwichtig en precies, maar van mij had het wat meer dansant gemogen, wat luchtiger.

Het middendeel van het programma bestaat uit vier stukken van Johann Sebastian Bach: de bekende Toccata en Fuga in d (BWV 565), twee koraalbewerkingen (BWV 654 en 655) en het Preludium en Fuga in D (BWV 532). 

Hedendaagse werken

Twee hedendaagse werken besluiten het recital. Een kort stuk van de Japanse componist Hiro Sakamoto is een tere bewerking in minimal-stijl van het populaire lied ‘Let us light a candle’, die waarschijnlijk in de Casa d’Angela wel vaker ten gehore wordt gebracht. Met het grillige Fata Morgana uit 1991 van Jacques van Oortmerssen eindigt Nagami haar recital fortissimo. 

Verzorgd en rustig

Nagami speelt opvallend verzorgd en rustig. Soms weet ze door een onverwachte, opvallende cesuur de aandacht van de luisteraar extra te trekken, bijvoorbeeld in de fuga van Buxtehude en het D-dur preludium. Er zijn ook momenten dat je als luisteraar iets meer avontuur zou wensen, maar daar staat zoveel goeds tegenover dat ik daar niet zwaar aan wil tillen.

De orgelklank is mooi opgenomen, niet al te direct en toch heel duidelijk. De akoestiek van de kapel ondersteunt de klank goed.

Het boekje biedt in het Engels informatie over de gespeelde muziek en het Zanin-orgel. Samenvattend vind ik het een interessante cd, waar ik met genoegen naar luisterde.

Waardering: 3.5 uit 5.

La Vitalité – Ayako Nagami

Frescobaldi: Toccata quinta, Ave Maris Stella; Pasquini: Passagagli per lo Scozzese; Böhm: Aria ‘Jesu, du bist allzu schöne’; Buxtehude: Fuga C-Dur; Bach: Toccata et Fuga d-Moll BWV 565, Trio ‘Herr Jesu Christ, dich zu uns wend’ BWV 655, ‘Schmücke dich, o liebe Seele’ BWV 654, Praeludium et Fuga D-Dur BWV 532; Sakamoto: Interlude II – Suite for Organ ‘Let us light a candle’; Van Oortmerssen: Fata Morgana

Ayako Nagamin, Zanin-orgel (2005), Casa d’Angela in Yokohama.

Exton – OVCL-00747, TT 76’15, booklet 20 p. (JAP/EN), prijs € 30,37 | bestellen bij Ayako Nagami via concert-soleil-77@hotmail.co.jp