24 augustus 2019

In ’t spoor van Schweitzer

in t spoor van schweitzer

Gerrit Christiaan die Gier toog naar Straatsburg om een cd te maken op de orgels van de St. Thomaskerk. Dat deed bij met een goede reden: het is dit jaar namelijk een Albert Schweitzer-jaar. De Elzasser arts (én theoloog en organist) begon honderd jaar geleden aan zijn werkzaamheden in Lambarene. De locatie in Straatsburg heeft óók goede papieren: het Silbermann-orgel in de St. Thomas was het instrument waarvan Schweitzer in zijn boekje ‘Deutsche und Französische Orgelbaukunst und Orgelkunst’ (1906) de precieze tractuur en doorzichtigheid van de klank roemde.

 

De Gier maakt met de Toccata, Adagio en Fuga van Bach een prachtig begin van dit programma. Het improvisatorische begin heeft een mooie balans van vrijheid en een fraai basistempo. De daarop volgende pedaalsolo wordt stormachtig neergezet. Het Adagio – met een prachtig tongwerk in de begeleiding – en het daarop volgende, dissonante Grave zijn wat mij betreft áf. De Fuga heeft een aanstekelijke drive, en zou de goedkeurig van Schweitzer alleen al om de klank hebben kunnen wegdragen. In het eerder genoemde boekje verhaalt Schweitzer overigens hoe hij eens het thema van de Bachs Fuga in g-moll met een achtvoets fluit hoorde intoneren waarna de fuga ‘vislijfachtig’ werd opgebouwd….

 

De Partita ‘Sei gegrüsset, Jesu gütig’ wordt bedachtzaam opgezet, waarbij de eerste variatie net iets te traag qua tempo is. Zo hoor je de woorden ‘laven’ en vreugde’ er niet echt uit komen. De tweede variatie treft weer exact de woorden ‘zonde’ en ‘kwellen’. Omdat de keus van de registratie een nog zo goede interpretatie volledig teniet kan doen, is het fijn om te merken dat Gerrit Christiaan de Giert de relatie tekst-muziek in articulatie en registratie volledig uitgebuit heeft. Een paar sprekende voorbeelden: in de derde variatie klinkt de Cromorne in de linkerhand als uitbeelding van de toorn van God; in de vijfde variatie gerbuikt de Gier de Trompette als illustratie van de duivel. In variatie zes valt de fraaie timing op; het bijna na de tel plaatsen van die grote, dissonante intervallen zorgt voor veel spanning. Variatie negen is echt Frans geregistreerd als een ‘Duo sur les Jeux de Tierces’, waarbij de lage regionen van die registers samen met de noten van Bach een treffende uitbeelding vormen van de woorden ‘gericht’ en ‘oordeel’.

 

Twee rustige Bachkoralen, ‘Ich ruf zu Dir’ en ‘Jesu, meine Zuversicht’, zorgen voor de overgang naar een andere stijlperiode en een ander instrument. De St. Thomas beschikt naast het grote Silbermann-orgel ook nog over een in 1906 onder advies van Schweitzer gebouwd koororgel van zijn favoriete firma Dalstein & Haerpfer. Om met het laatste van de twee werken die De Gier hierop speelt te beginnen: vooraf had ik mijn twijfels of je op een orgel van slechts twaalf stemmen het Prière van César Franck goed uit zou kunnen voeren. Omdat het werk zich eigenlijk alleen in de achtvoets labialen en een Trompette afspeelt en dit orgel erg fraai geïntoneerd is, blijkt die twijfel echter ongegrond. Deze uitvoering is van grote klasse: het werk ontstaat heel natuurlijk en improvisatorisch maar de grote lijn blijft toch overeind. Zo’n werk moet je gewoon ervaren en alleen al om deze interpretatie zou ik deze cd aanschaffen!

 

De zesde Sonate van Mendelssohn slaat tenslotte de brug tussen Bach en Franck. Op deze plek waren misschien een transcriptie van een piano- of orkestwerk van Mendelssohn, wat kleine Franck-werken, of iets van Widor of Dupré wat mij betreft wat beter op hun plaats geweest. Hoe dan ook, de uitvoering van de gekozen Sonate is gewoon prima. Dat ‘gewoon’ zit hem mede in het feit dat het gekozen instrument meer Frans dan Duits is…

 

Het booklet is voorzien van uitstekend informatie over de gespeelde werken en de beide instrumenten.

 

 

In ’t spoor van Schweitzer

Gerrit Christiaan de Gier | St. Thomas | Strasbourg

 

Silbermann-orgel (1741): Toccata, Adagio und Fuga in C BWV 564; Partite diverse sopra il Corale: ‘Sei gegrüsset, Jesu gütig’ BWV 768; Ich ruf zu dir, Herr Jesu Christ BWV 639; Jesus, meine Zuversicht BWV 728. Dalstein & Haerpfer-orgel (1905): Sonate VI in d, opus 65 (Mendelssohn); Prière, opus 20 (Franck)

 

Label: VDGRAM-Records
Nummer: 20140827
Speelduur: 76’29
Booklet:32 pagina’s (NE/EN/FR)
Prijs: € 15,00 (exclusief verzendkosten)
Bestellen: per email gerritchristiaandegier@hetnet.nl of telefonisch 030-6888966

X