Twee eersteprijswinnaars Sweelinck Orgelconcours Elburg

V.l.n.r.: de winnaars Adrie van Manen en Martijn Borsje, de juryleden Henk Verhoef, Gert Oldenbeuving en Jos van der Kooy, en overige deelnemers Jan Hoogendoorn, Joost van Beek, Marien Valk | © foto Nationaal Orgelmuseum

Het Sweelinck Orgelconcours in het Nationaal Orgelmuseum in Elburg leverde zaterdag 2 oktober twee eersteprijswinnaars op. Adrie van Manen en Martijn Borsje mogen beiden het concours op hun naam zetten.

Het was de eerste keer dat het Orgelmuseum een concours organiseerde. Vijf deelnemers deden zaterdag mee. Naast de verplichting een werk van Sweelinck te spelen was er volledige vrijheid in de keuze van een tweede werk. Keuze was er voor de spelers ook uit de instrumenten: voor hun vertolking mochten zijn er een of meer uit de museumcollectie selecteren.

‘Verrassende keuzes’

Voor de jury – bestaande uit Henk Verhoef, Gert Oldenbeuving en Jos van der Kooy – leidde dat tot ‘verrassende keuzes van de deelnemers betreffende de instrumenten, én de muziek.’ Ook merkte de jury op ‘dat er naast het verplichte werk van Sweelinck opvallend vaak voor een modern in het gehoor liggend stukje muziek werd gekozen.’

Geen onderscheid

De jury oordeelde dat zij geen onderscheid kon maken tussen een eerste en tweede prijswinnaar. Daarom kregen Van Manen en Borsje beiden de eerste prijs. Een tweede prijs werd niet uitgereikt.

De winnaars hadden beiden gekozen voor Sweelincks koraalbewerking over ‘Allein Gott in der Höh sei Ehr’. Adrie van Manen (1974) speelde daarnaast de ‘Partita sopra Cantio Oenipontana’ van Peter Planyavsky. Het keuzewerk van Martijn Borsje (1995) was de bewerking over ’Wie schön leuchtet der Morgenstern’ van Bert Matter.

Prijzen

De beide winnaars kregen een beker en een bos bloemen. Ook zijn zij uitgenodigd om een concert te geven in de concertserie die eind dit jaar weer van start gaat in het museum.