22 augustus 2017

Vlaamse orgelkunst tot omstreeks 1700

Het nieuwe nummer van het Vlaamse tijdschrift Orgelkunst is verschenen. Een overzicht van de inhoud.

Wilfried Praet
Iconografie van het portatief in de Nederlanden – van de 13de tot de 16de eeuw
Het portatief – in de letterlijke betekenis, een orgel dat in principe door dezelfde persoon gedragen, ‘gepompt’ en bespeeld wordt – komt in de iconografie voor vanaf het einde elfde en de twaalfde eeuw. Tot ongeveer 1520 wordt de iconografie steeds rijker en technisch nauwkeuriger. Na 1520 schijnt het portatief op zeer korte tijd plots verdwenen te zijn. Het artikel van Praet is verlucht met vele illustraties.

Andrzej Perz (PL)
Mystiek orgel. Het ‘Lam Gods’ als bron van kennis over de laatmiddeleeuwse orgelbouwkunst
Het Lam Gods (1432), van de gebroeders Jan en Hubert Van Eyck in de Sint-Baafskathedraal te Gent, blijft inspireren op verschillende gebieden. Voor musicologen, organologen en orgelbouwers is het een unieke bron van informatie over het orgelpositief uit de gotische periode dat afgebeeld staat op het paneel met de Musicerende Engelen samen met een vedel en een harp. Er werden reeds enkele pogingen ondernomen om het orgel te reconstrueren wat tot verschillende resultaten heeft geleid. Ter voorbereiding van de huidige restauratie van het altaarpolyptiek werd het schilderij uitgebreid gedocumenteerd waardoor meerdere onderliggende schilderingen en retouches duidelijker dan ooit zichtbaar werden. Wat weten we nu over het ‘Van Eyck’-orgel?

Andrés Cea Galan (ES)
Twee eeuwen Vlaamse orgelbouw in Spanje (1527-1714)
Dat Vlaanderen een impact heeft gehad op de ontwikkeling van de orgelbouw in Frankrijk en Spanje staat buiten kijf. Andrés Cea Galan (ES) belicht twee eeuwen Vlaamse orgelbouw in Spanje (1527-1714).

Jean Regnery (FR)
Het kabinetorgel ‘Langhedul’ in het museum van Evreux
Jean Regnery (FR) richt de schijnwerper op een kabinetorgel uit het museum van Evreux, ‘fecit Langhedul’. Jan Langhedul, afkomstig uit de streek van Ieper, vestigde zich met zijn zoon Matthijs in 1585 in Parijs. Matthijs kwam terecht aan het hof van Filip II waar hij o.m. het orgel van Saint-Gervais bouwde dat later door verschillende leden van de Couperin-familie zou worden bespeeld.

Orgelkas van Langhedul in het museum te Evreux (Fr)

 

Johan Zoutendijk (NL)
Accessoria op Zuid-Nederlandse orgels tot omstreeks 1700
Omstreeks 1500 werd in de Zuidelijke Nederlanden het sleeplade-orgel geïntroduceerd. Daarmee ontstonden niet alleen mogelijkheden om pijpenrijen afzonderlijk te bedienen, ook werd het zinvol om elk van die registers een eigen klankkleur te geven. Het is niet verwonderlijk dat in diezelfde periode ook diverse accessoria ontwikkeld werden. Veel van deze ‘gadgets’ worden tegenwoordig als ‘spielerei’ aangemerkt, maar gegeven de grote verspreiding toentertijd mogen we veronderstellen dat in vroeger eeuwen een zeker belang aan deze ‘registers’ werd toegekend. In het orgelrepertoire zijn, afgezien van de vermelding van de tremulant, aanwijzingen voor het gebruik van de accessoires uiterst zeldzaam. Dat is één van de verklaringen voor onze gereserveerdheid om deze speelhulpen bij de interpretatie van ‘degelijke’ orgelmuziek in te zetten. Daarnaast speelt de associatie met ‘goedkoop amusement’ ons ongetwijfeld parten.
In deze bijdrage wordt aandacht besteed aan de constructiekenmerken en aanwijzingen met betrekking tot het gebruik van accessoria zoals die vooral in de periode tot 1700 in de Zuidelijke Nederlanden in zwang waren. Daarbij wordt informatie vergeleken uit Zuid-Nederlandse bronnen met gegevens uit andere delen van Europa om een beter inzicht in de materie te krijgen.

Jean Ferrard
Orgelkunst / orgelcultuur in de Zuidelijke Nederlanden tot 1700
In de inleiding op zijn artikel over dit thema, schreef Richard Vendome een dertigtal jaar geleden: ‘Spanish Netherlands keyboard music of the early 17th century is contained in four sources: Berlin Staatsbib. MSS 40316 and Lynar A1, Liège Univ. Bib. MS 153 (olim 888, the Liber Fratrum Cruciferorum), and Oxford, Christ Church Mus. MS 89. All include music by Philips, and works by Browne, Cornet or Sweelinck are common to at least three’.
Inmiddels is de kennis hieromtrent sterk geëvolueerd en willen we het onderzoek actualiseren. Daarbij wordt verwezen naar zowel het eerste deel, dat de politieke en historische context schetst, als naar de biografie van de belangrijkste organisten in de Zuidelijke Nederlanden.
Sommige bronnen komen nog geregeld boven water … Dat is bijvoorbeeld het geval met een klein handschrift van 26 folio’s uit 1626, dat in 2003 werd ontdekt en deel uitmaakt van een privé-verzameling. Het Tongers Orgelhandschrift bevat vooral intavolaties van Orlandus Lassus, hoofdzakelijk Magnificat-versetten, maar ook het bekende Franse chanson Margot laborez les vignes. Zonder volledigheid na te streven, kunnen we nu het aantal bronnen die de orgelmuziek van de 17de eeuw illustreren uit Brussel, Antwerpen en Luik, verdubbelen.

Nieuwe uitgaven
Orgels in het Pajottenland – De Groote Oorlog en het orgelpatrimonium van het TERF

Berichten – concerten – overzicht internationale tijdschriften

X