HET ORGEL 2006/2

HET ORGEL staat ditmaal in het teken van symfonische orgelmuziek uit Frankrijk.

Redacteur Joris Verdin laat aan de hand van een uitgebreide selectie citaten zien dat de cultuur waarin deze muziek ontstond (midden 18de eeuw, met componisten als Lefébure-Wely en Franck) tegen 1900 een belangrijke verandering doormaakte: sindsdien was het orgel niet meer een instrument dat dicht bij de mensen stond en hen met vlotte tempi, veel zwelkastgebruik en dus tamelijk ‘wereldlijke’ muziek ‘de kerk in speelde’, maar een instrument dat de eeuwigheid en de grootheid van God diende te weerspiegelen. Widor, groot voorstander van deze omwenteling, componeerde onder meer zijn Symphonie Romane, qua idioom en orgelgebruik duidelijk verschillend van bijvoorbeeld Symphonie V; de ‘Chorals’ van Franck werden voortaan langzamer gespeeld, als betrof het kerkelijke muziek. Verder in dit nummer een door Kees Weggelaar gemaakt overzicht van de werken van Daan Manneke, een van Nederlandse bekendste componisten die het orgel een warm hart toedragen. Manneke is bekend van voor speler en publiek toegankelijke muziek als ‘Organum’ en ‘Pneoo’.

In de rubriek Het Instrument staat het door de firma Flentrop gerestaureerde Knipscheer-orgel in de Noorderkerk in Amsterdam centraal zie foto. Redacteuren Rogér van Dijk en Cees van der Poel behandelen historie, restauratie en restauratieresultaat op de van hen inmiddels bekende grondige manier.

Opmerkelijk aan het Knipscheer-orgel is zijn opstelling rond een pilaar, wat een nadelig effect op de klank heeft. In een apart artikel gaat organist en kunsthistoricus Jacob Lekkerkerker in op dit effect: hij vergelijkt het met het effect van perspectiefschilderingen op de gewelven van sommige barokkerken, zoals in Rome.

Daar is dat effect slechts intact wanneer je als kijker op de ‘juiste’ plek staat. Lekkerkerker constateert dat die juiste plekken, dan uiteraard om te luisteren, er ook in de Noorderkerk zijn, maar dat het moeilijk is één plek te vinden waar álle aspecten van het orgel overtuigend klinken.

De rubriek Brieven valt in dit nummer van HET ORGEL op door de bijdrage van organist Lubbert Gnodde. Hij bestrijdt, aan de hand van resultaten van zijn enkele jaren geleden uitgevoerd afstudeeronderzoek, de hypothese dat musici in de barok langzamer speelden dan wij nu, geopperd door Hans Beek in het vorige nummer van HET ORGEL.

HET ORGEL 2006/2 is het laatste nummer dat onder leiding van hoofdredacteur Hans Fidom is ontstaan. Fidom neemt in een kort artikeltje afscheid. Fidom trad in dienst van de KNOV in 1995. Samen met Gérard van Betlehem ontwikkelde hij een nieuwe opzet en vormgeving voor het tijdschrift; onderdeel daarvan was de introductie van DE ORGELKRANT en de ZOMERAGENDA. Fidom publiceerde de eerste ORGELKRANT in januari 1996. In de loop van 1996 nam hij als interim-hoofdredacteur de taken van hoofdredacteur Anje de Heer over. Op 1 mei 1997 werd hij officieel tot hoofdredacteur benoemd. Op 1 maart volgt Jan Smelik hem op.

© 2006 orgelnieuws.nl

© 2006 foto www.orgelfotografie.nl