25 juni 2017

Bach and Friends – Louis-Noël Bestion de Camboulas

bach and friends louis-noel bestion de camboulas

Bach and Friends is de veelbelovende titel van deze cd van de Fransman Louis-Noël Bestion de Camboulas. Hij nam composities op van uiteraard Bach, maar ook Buxtehude, Pachelbel, Böhm, Scheidemann, Fischer en Muffat.

In hoeverre het echt vrienden waren valt nog te betwijfelen. Scheidemann was al lang overleden voordat Bach ter wereld kwam. En de zuiderlingen Fischer en Muffat zal hij waarschijnlijk nooit in levende lijve hebben ontmoet. Met Pachelbel was er wel een zekere verwantschap met de oudere generatie Bach. Zij kenden zijn muziek en wellicht waren er ook persoonlijke contacten.

Voor Buxtehude had Bach een verre reis en een diepgaand conflict met het kerkbestuur van Arnstadt over om zijn onaangekondigde verlengde studiereis naar Lübeck te kunnen voltooien.

De wellicht enige echte vriend op deze cd is Georg Böhm. Bach bracht een deel van zijn jeugdjaren in Lüneburg door. Deze periode is mede richtinggevend geweest voor zijn verdere loopbaan. Niet in de laatste plaats omdat hij daar deels onder de hoede van Böhm terecht kwam. Wellicht had dat ook te maken met het feit dat ook Böhm zijn wortels in Thüringen had liggen.

Hoe dan ook, Bach zag hem als een grote inspiratiebron, wat we alleen al kunnen afleiden uit zijn koraalpartita’s. Ook in de decennia daarna verloren ze elkaar niet uit het oog. Böhm fungeerde onder andere als depot voor zijn composities. Maar Lüneburg bood nog meer, het was waarschijnlijk in deze periode dat hij ook kennis maakt met de Franse barok die in Lüneburg en Celle furore maakte. Het zou een interessante studie zijn om te ontdekken wie er nu meer invloed (en welke) op de ontwikkeling van Bach heeft gehad: Buxtehude of Böhm.

Kortom de vriendentitel van de cd is wat misleidend, maar daarmee is ook ongeveer wel het enige minpunt genoemd. De nog jonge Louis-Noël speelt een boeiend programma op twee boeiende instrumenten. De eerste helft wordt gespeeld op een kopie van een klavecimbel van de Dresdner Johann Heinrich Gräbner uit 1722. Dit instrument, gebouwd door Philippe Humeau heeft een boeiende klank, waarbij Louis-Noël de twee klavieren en schakeringen door de diverse registratiemogelijkheden volledig benut. Je herkent daar de organist in die gewend is om de mogelijkheden van het instrument te benutten.

Het tweede deel speelt Bestion de Camboulas op het in 2014 door Dominique Thomas opgeleverde orgel voor de Eglise de Ciboure. Thomas legt in het booklet uit dat hij zich bij de bouw heeft laten inspireren door het Hollandse stadsorgel zoals met name Van Hagerbeer en Duyschot dat vorm hebben gegeven. Ongetwijfeld met een knipoog naar Alkmaar laat hij ook graag invloeden van Schnitger meeklinken.

In een eerdere recensie schreef ik al dat dit instrument grote indruk op mij maakte. De Hollandse stadsorgels hebben doorgaans een betere akoestische omgeving. Die missen we hier, maar daardoor kunnen we wel extra genieten van de mooi afgewerkt intonatie. Helaas is een halve cd te kort om het orgel volledig te etaleren, bovendien zijn de hier gebruikte registraties wat vlak.

Naast deze twee instrumenten is het ook het spel van Louis-Noël Bestion de Camboulas dat van begin tot einde boeit. Voor organisten vooral ook heel leerzaam hoe hij op klavecimbel een groot preludium van Buxtehude neerzet. De grootmeester zal, bij gebrek aan orgeltrappers, ongetwijfeld een gedeelte van zijn oeuvre achter zijn klavecimbel of klavichord hebben gecomponeerd. Door het dan ook op klavecimbel uit te voeren krijgen we een mooie kijk op de wijze waarop Buxtehude wellicht zijn orgelwerken heeft bedoeld. In ieder geval speelt Louis-Noël het met een mooie dynamiek en grote transparantie.Naast een feest om naar te luisteren is het hiermee ook een mooie inspiratie om zelf Buxtehude ter hand te nemen.

Als tegenhanger sluit Lous-Noël het klavecimbelgedeelte van de cd af met de Toccata in g-moll BWV 915 van Bach. Daarin is goed te horen is hoe hij zijn Lübecker ervaringen benut. Van Böhm klinken de drie ‘Vater Unser’-bewerkingen, waarvan er twee in sommige bronnen aan Bach worden toegeschreven. Inderdaad herken je er andere vroege koralen van de meester in. Echter het merendeel van de bronnen wijst toch echt naar Böhm en daarmee is het weer een mooi bewijs van het luister- en leervermogen van Bach.

Het programma wordt afgesloten met de groots neergezette Fantasie en Fuge in g-moll BWV 542. Hier leren we Bach kennen als een onafhankelijk componist die in een indrukwekkend recitatief zijn verhaal vertelt en vervolgens een fuga opzet die maar niet lijkt te willen stoppen. Orgel en organist weten dat ook uit te buiten.

Kopen en luisteren dus!

 


Bach and Friends

Louis-Noël Bestion de Camboulas, orgue et clavecin

Praeludium g-moll BuxWV 163 (Buxtehude); Pavane Lachrimae (Scheideman); Suite VII: Prealudium & Chaconne (Fischer); Aria Sebaldina (Pachelbel); Toccata g-moll BWV 915 (Bach); Toccata nona en mi-mineur (Muffet); Vater unser im Himmelreich (Böhm); Fantasia & Fuge g-mineur BWV 542 (Bach)

Label: Editions Ambronay
Nummer: AMY048
Speelduur: 74’17
Booklet: 24 pagina’s (FR/EN)
Prijs: € 18,00

editions.ambronay.org

 

X