18 november 2017

CD van de maand september 2006

All-round orgelklanken uit Middelburg

All-Round Organ Sound. Margreeth Chr. de Jong – Nieuwe Kerk Middelburg

Suitte in D (Bustijn); Preludium en fuga in a BWV 543 (Bach); Partite diverse sopra ‘Vater unser im Himmelreich’ (De Jong); Sonate in D Op. 65/5 (Mendelssohn); Fantaisie en la (Franck); Herbstlied (Van Os); Mozart Changes (Gárdonyi).

Label: Den Hertog CD DH8206022

Tijdsduur: 76’25”

Boekje:16 pagina’s

Prijs: € 16,50

In de maand september voor bezoekers van www.orgelnieuws.nl € 15,00 (exclusief € 1,95 verzendkosten)!

Klik hier om dit artikel te bestellen

„Het geluid is veel voller geworden. Vroeger moest ik tijdens de zondagsdienst echt alle registers opentrekken. Nu heb ik nog maar de helft nodig om de gemeente te begeleiden. Ook de opnieuw geïntoneerde tongwerken klinken nu prachtig.” Dat zegt Margreeth de Jong, organiste van de Nieuwe Kerk te Middelburg in de Provinciale Zeeuwse Courant, nadat Flentrop haar Van Leeuwen-orgel in de Nieuwe Kerk flink onder handen nam. „Het orgel is een fantastisch instrument geworden. Het is de moeite waard om dat ook te promoten.” Met als resultaat een wel zeer welluidende zilveren schijf.

Het eerste orgel in deze abdijkerk met zijn markante toren, de Lange Jan, werd door Jan Roosse gebouwd en na keuring door Jan Pieterszoon Sweelinck in 1603 in gebruik genomen. Een instrument van 27 stemmen, verdeeld over hoofdwerk, rugwerk en pedaal. Het vulde de gewelven eeuwenlang met welluidende klanken totdat de Rotterdamse orgelbouwer W.H. Kam het in 1861 sloopte om er een geheel nieuw, “modern” orgel te plaatsen. Het werd, naar de smaak van de tijd, een romantisch getint instrument van eveneens 27 stemmen, nu verdeeld over hoofdwerk, bovenwerk en pedaal. Op 17 mei 1940 ging dit orgel bij een zwaar bombardement op Middelburg verloren.

Na de oorlog kreeg Willem van Leeuwen opdracht voor de plaatsing van een groot drieklaviers instrument. Dit nieuwe orgel mocht deze orgelmaker opbouwen in de fraaie kas van een Duyschot-orgel (1693), geschonken door de Evangelisch Lutherse Gemeente van Amsterdam. Het 40 stemmende instrument werd in 1954 opgeleverd. Vijftig jaar later, in 2004, voerde Flentrop Orgelbouw onder advies van prof. dr. Albert Clement een grondige revisie van het instrument uit. De balg van het rugpositief en de windladen werden hersteld, de aantrekpunten van de ventielen verplaatst en de mechanieken afgeregeld. Hoewel de dispositie vrijwel ongewijzigd bleef, werden enkele vulstemmen opgeschoven, de Schalmei 4 voet van het bovenwerk gewijzigd in een 8 voet, de tongwerken opnieuw geïntoneerd. Na de heringebruikneming van het instrument, op 28 augustus 2004, heeft het Van Leeuwen-orgel zijn prachtige klank herkregen en is het, volgens Albert Clement, “in de beste zin van het woord een ‘all-round’ orgel geworden.”

Vooropgesteld dat de voorliggende cd een zeer geslaagd klankdocument mag worden genoemd, kreeg ik toch wat kriebels bij titel “All-round Organ Sound”. Is dat wel mogelijk om een universeel orgel te bouwen waar zowel barok als romantiek optimaal op klinken? Of komt het dan onvermijdelijk tot een wat kleurloos compromis? Een voorbeeld: het grote Marcussen-orgel van de Rotterdamse Laurenskerk werd ook vanuit die all-round-gedachte geconcipieerd. Maar door velen als teleurstellend ervaren. Kan het Middelburgse instrument deze claim wèl waarmaken?

De dispositie van het Van Leeuwen-orgel, zoals die in de begeleidende leaflet is afgedrukt, roept met vulstemmen als Mixtuur (tot 8 sterk), Cymbel, Scherp en Ruispijp al direct associaties op met de “neobarokke” periode, waarin het instrument werd gebouwd. Bach’s Preludium en Fuga in a (BWV 543), met zijn passagespel, wisselend tussen manuaal en pedaal moet op een dergelijk instrument wel tot zijn recht komen. En dat doet het ook. Op overtuigende wijze vertolkt Margreeth de Jong dit werk. Gedecideerd en in een strak tempo. Het Mixturen-plenum heeft een draagkrachtige, heldere klank, zonder scherp te worden. Wat mij betreft had iets meer rubato in de vertolking de muzikale zeggingskracht van de acht minuten durende Fuga nog wat kunnen verhogen.

Zonder meer verrassend is het klankpalet dat de organiste in Franck’s ‘Fantaisie en la’ voor de oren schildert. Met omfloerst klinkende labialen en warm kleurende tongwerken die doen denken aan de orkestrale klankmogelijkheden van de Frans-romantische school. Het ontbreken van zwelmogelijkheden wordt goed opgevangen door verfijnde registratiewisselingen. Een overtuigende vertolking. Hier toont het orgel al zijn muzikale breedte.

Boeiend is om van drie organisten, die in deze kerk op de drie achtereenvolgende orgels bespeelden/bespelen, karakteristieke composities te horen. De eerste organist is Pieter Bustijn (1649-1729), die vanaf 1681 het Roosse-orgel bespeelde. Van hem vertolkt De Jong de oorspronkelijk voor clavecimbel geschreven ‘Suitte II in D’. Deze veelal ingetogen maar soms ook lichtvoetige muziek komt met name op het rugwerk goed tot zijn recht. Ook aangenaam klinkend, maar van geheel ander kaliber is het ‘Herbstlied’ dat Albert van Os, organist op het Kam-orgel, omstreeks 1900 componeerde. Het is een bewerking van deel 10 van Tchaikovsky’s ‘Les Saisons’ (de seizoenen). Ontspannen stemmingsmuziek zonder al te veel pretenties, die op de opvolger van het Kam-orgel óók goed klinkt. Margreeth de Jong, als huidige organiste op het derde orgel, speelt een ‘Partite diverse sopra’ over het van Luther afkomstige ‘Vater unser im Himmelreich’. En wel in haar favoriete barokstijl. Bij ieder van de negen strofen klinkt een op de tekst toegesneden partita. Deze compositie, die overigens dit jaar bij uitgever Den Hertog in druk verscheen, wordt besloten met een stralende Fuga.

Van de componist Felix Mendelssohn Bartholdy werd de driedelige ‘Sonate in D’, Opus 65/5 geprogrammeerd. Als Bach en Franck goed kunnen klinken op dit orgel, moet dat nu zeker het geval zijn. Welluidend klinken dan ook de beide Andantes. Bij de tweede meende ik zelfs een zwelkast horen open en dicht gaan. De leaflet biedt de verklaring: “het gebruik van verschillende manualen maakt een subtiel verschil in klankkleur hoorbaar”.

Tot slot maakt Margreeth de Jong met de Mozart Changes van de Hongaarse componist Zsolt Gárdonyi (geb. 1946) een knipoog naar het Mozart-jaar. De dansachtige motieven uit Mozart’s Pianosonate in D, KV 576, blijken zich uitstekend te laten transformeren naar het Jazz genre. Deze prettig in het gehoor liggende en soms wat uitdagende compositie wordt in stijl afgesloten met een ‘heerlijk’ dissonant akkoord.

Het tweetalige (Nederlands en Engels) leaflet, geschreven door prof. dr. Albert Clement is goed gedocumenteerd. Het werd zelfs een wetenschappelijk werkje in zakformaat. En dat is te verwachten van een organist die ook musicoloog is. De opname werd gemaakt door Aad van der Waal en is van hoge kwaliteit. Hij geeft ook duidelijk de goede akoestiek van de kerk een plaats in het klinkende resultaat. Het fotowerk, verzorgd door Gérard van Betlehem, is, zoals altijd, erg fraai. Alleen wat jammer dat er geen foto van de speeltafel aan de documentatie werd toegevoegd.

Net als verfijnde wijn heeft ook deze cd een goede nasmaak. De smaak van een instrument dat onder de kundige handen van Magreeth de Jong bewijst zowel monumentaal en fier als poëtisch en warm te kunnen klinken. Deze “All-round Organ Sound” cd is beslist een aanrader! [WIM ERADUS]

Bij deze bespreking is o.a. gebruik gemaakt van de volgende internetbronnen, aanbevolen voor verdere informatie:

• De geschiedenis van de Nieuwe Kerk en zijn orgels: http://kerkenmiddelburg.50webs.com/nieuwe_kerk.htm

• Reportage in de Provinciale Zeeuwse Courant: http://www.pzc.nl/extra/kunstencultuur/article577908.ece

• Dispositie en enkele foto’s:

http://www.stichtingvoxhumana.nl/dis_middelburg_nieuwe.html en

http://www.orgelsite.nl/middelburg1.htm

© 2006 www.orgelnieuws.nl

X