18 april 2019

COLUMN ‘Dat waren nog eens tijden’ [ 12 ]

In de column ‘Dat waren nog eens tijden’ blikt verhalenverteller, organist en orgelliefhebber Bert Rebergen zo nu en dan terug op de orgelwereld van enkele decennia geleden. In deze aflevering van de column: Orgel op de buis.

 

We hoeven nu YouTube maar te openen en we kunnen dagen achtereen kijken naar tal van orgelconcerten en orgelfragmenten. Voor elk wat wils! Als de gemiddelde orgelliefhebber dit dertig jaar geleden zou hebben geweten, dan kon deze niet wachten op de luxe die wij nu kennen.
Luxe … toch?

 

Zo heel veel orgelmuziek verscheen er in die tijd niet op televisie. In koor- en samenzangprogramma’s was het orgel te horen, maar zelden werd een cameraman bij de speeltafel gezet. Op een fraaie Bach, Reger, of Vierne hoefde je sowieso niet te rekenen.

 

Bij onze buren in Duitsland, België en Groot Brittannië was de kans nog groter dat je iets van orgel te zien kreeg, maar ook dat bleef behelpen.

 

Was er orgelmuziek op de buis, dan miste je in vroeger tijden goede opnameapparatuur om de beelden vast te leggen. Je moest het later met enkel de herinneringen doen.

 

In de jaren tachtig van de vorige eeuw kwam er gelukkig een opleving. Dat had – hoe gek het ook klinkt – onder andere te maken met het overlijden van twee grote namen in Nederland Orgelland: Piet van Egmond en Feike Asma. Hoe verrukt was je als je die bekende organisten, die je slechts kende van de platenhoezen, nu vanuit de huiskamer in actie kon zien.

 

Van Egmond in Dordrecht… wat maakte het een indruk! De presentator vroeg hem diens ‘geheim van de smid’ te laten horen én zien: ‘zijn klokjes’. De camera moest aan de kant en de presentator mocht evenmin spieken. Met een blik vol argwaan richting presentator en cameraman deed Van Egmond, de lippen karakteristiek naar voren tuitend, zijn kunststukje.

 

Je zag Feike Asma in dat akelig gele overhemd op ‘zijn’ orgel in Maassluis. Een dergelijke uitvoering van de Toccata van Charles-Marie Widor tref je elders niet snel aan … Met een grote zwaai vloog de linkerhand over de rechter en met ongeveer de vlakke hand werden de daarop volgende akkoorden gespeeld. Toch was er wel iemand op het idee gekomen om Asma vanuit het orgel te filmen. Dat aardigheidje zag je later terugkeren bij een soort renaissance van het orgel op de beeldbuis.

 

Want, de NCRV besloot, nadat de EO halverwege de jaren tachtig met de serie ‘Nederlandse Orgelpracht’ op televisie verscheen, om eind jaren tachtig en begin jaren negentig orgelmuziek op televisie uit te gaan zenden. De serie ‘Opmaat’ was op zaterdagavond te zien en niet bepaald rond primetime. Zelden ben ik voor een televisieprogramma opgebleven, maar voor ‘Opmaat’ maakte je een uitzondering! Op een stoel vlakbij de televisie – om maar niets te missen – volgde je de verrichtingen van de toentertijd (en nu nog) bekende organisten.

 

Sommige organisten pakten flink uit. Je ziet nog de zich in het zweet badende Charles de Wolff die grote werken van Reger en Van der Horst speelde in Zwolle. Piet van der Steen vertolkte met compleet afgetrapt schoeisel onder andere Messiaen in de Grote Kerk van Den Haag. Anderen kozen voor een veiliger programma. Klaas Bolt spande daarin – helaas – de kroon door werken van Bach en Charpentier te spelen die de beginnende organist ook wel zonder blozen had kunnen neerzetten.
Die beelden uit de Bavo werden wel snel historisch, want Bolt overleed een jaar later.

 

De recorders waren inmiddels zo verbeterd dat je de uitzendingen uitstekend kon bewaren en maar goed ook, want de opleving was van korte duur.

 

Niet lang daarna verdween het orgel zo goed als helemaal van de buis en van de radio, al komt de EO nu wel met een orgelvariant op The Voice … The Voix of Holland?

 

In ieder geval kan men thans met een paar handelingen op de computer of tv veel van dat oude materiaal terugzien, zonder bang te hoeven zijn dat de videobeelden nog meer verkleuren, de orgelklanken opnieuw van een extra tremulant worden voorzien, of de dvd bekrast raakt. We hoeven er niet meer voor op te blijven en kunnen organisten van over de hele wereld urenlang bekijken en beluisteren.

 

Wat een luxe! Of moeten we ‘luxe’ met een korreltje zout nemen?
Er zit immers het nodige kaf tussen het koren.
Orgel genoeg dus, maar niet altijd orgelpracht op maat.

 

 


Bert Rebergen (*1969) is vooral onderwijsman en verhalenverteller, maar orgelmuziek mag zich in zijn grote belangstelling verheugen, niet alleen passief maar ook in de praktijk. In 1988 werd hij organist in Veenendaal. Daar en daarbuiten bespeelt hij, tot de dag van vandaag, menig instrument. Sinds 2009 treedt hij als verteller en presentator op in het gehele land.

X