Improvisatiecursus voor organisten – deel 11 – Advent en Kerst 1

De improvisatiecursus die Jos van der Kooy dit voorjaar vanaf het Hinsz-orgel in Bolsward gaf krijgt een vervolg. Gedurende drie tweewekelijkse afleveringen kunt u zich de kunst van het improviseren nog meer meester maken aan de hand van liederen voor Advent en Kerst.

Jos van der Kooy: Veel liederen voor deze periode zijn ontstaan uit geestelijke volksliederen, andere hebben een vaak verrassend eenvoudig karakter. Elk jaar zie ik uit naar Advent, Kerst en Epifanie, de liederen voor deze periode zijn mij even dierbaar als de gedeelten uit de Bijbel die we in deze periode mogen overdenken.

Affecten

Gedurende de drie afleveringen geef ik u voorbeelden van het werken met affecten, de emoties die de teksten oproepen. Die zijn gedeeltelijk persoonlijk, dat is onvermijdelijk. De liederen koos ik op het moment van opnemen, muziek en gesproken toelichting zijn beide geïmproviseerd.

In de afleveringen 1 tot en met 10 die we eind april 2020 opnamen koos ik liederen bij de technieken die ik wilde behandelen. Deze nieuwe serie afleveringen kun je zien als een toepassing van de eerste serie. Ik heb geprobeerd zo eenvoudig mogelijk te improviseren. 

Technieken uit de eerste tien afleveringen komen terug. Bekijk af en toe nog eens een deel en raadpleeg de toelichtingen.

Vasthouden

Belangrijk is dat je bij het improviseren denkt aan degenen die luisteren. Makkelijker gezegd dan gedaan wanneer je zelf worstelt met de weerbarstige materie! Daarom druk ik je op het hart je improvisaties zo eenvoudig te houden dat je het overzicht bewaart. Daardoor hebben de toehoorders houvast.

Improviseren is bovenal communiceren met je toehoorder! De improvisatie dient immers als inleiding op een te zingen lied of als vrij orgelspel tijdens een dienst of concert. Bij de voorbeelden heb ik ook gedacht aan de zang- en muziekavonden in de kersttijd. Daarom geef ik van de liederen naast het nummer in het Liedboek 2013 ook het nummer in de Hervormde Bundel 1938 die in reformatorische kringen nog wordt gebruikt.

In de eerste serie van tien liet ik na de liederen te voorzien van het nummer in Gezangen voor Liturgie, het gezangenboek dat in rooms-katholieke kerken wordt gebruikt. In de nieuwe serie worden deze nummers vermeld, voor zover ze in die bundel voorkomen.

Nog een opmerking: improviseren is NIET makkelijk; je moet er goed over nadenken en stevig aan oefenen!

Voorbeeld 1

Fantasie over ‘Ga, stillen in de lande, uw koning tegemoet’, Lied 440 uit Liedboek 2013. In de Hervormde Bundel 1938 vindt u het lied als Gezang 4, ‘Op, op, die ’t rijk bewonen’.

Het lied staat in een driedelige maatsoort, je zou die als zeskwarts maart kunnen zien. In het voorbeeld is het beginmotief, licht – zwaar, het leidende principe. Daarmee wil ik de beweging van het tegemoet gaan van de koning illustreren. Ik speel het in verschillende octaven. De hoornquinten uit aflevering 8 spelen een rol. Het werken met motieven is in de eerste serie van tien afleveringen herhaaldelijk aan de orde geweest. Als harmonisch peper en zout gebruik ik twee niet laddereigen tonen; soms een es in plaats van een e, ook een b in plaats van een bes. 

Voor ‘Heft op uw hoofden, poorten wijd’, eveneens in zeskwarts maat kun je hetzelfde procedé toepassen. (Liedboek 2013: 435, Hervormde Bundel 1938: Gezang 3, het lied komt niet voor in Gezangen voor Liturgie.)

Voorbeeld 2

‘Komt en laat ons Christus eren’, Gezang 22 uit de Hervormde Bundel 1938, of Lied 472 uit Liedboek 2013 ‘Hoor de herders, hoe ze hem loven’. In GvL heb ik het niet kunnen vinden.

Eigenlijk is het een registerimprovisatie, fluiten en schalmeien, instrumenten die we associëren met musicerende herders. Mogelijk blaast of strijkt een engel die niet bij stem is ook nog een toontje mee! De herders speelden en zongen geen plechtige koralen, hun liederen waren volksliederen en dat probeer ik te treffen in deze improvisatie. In deze aflevering zie je dat ik op elk van de drie klavieren en op het pedaal een karakteristieke kleur kies. Ik weet nog niet of ik ze alle vier ga gebruiken. Maar tot de strategische voorbereiding hoort het kiezen van contrasterende kleuren, vooralsnog staan ze in parkeerstand. Uiteindelijk gebruik ik ze alle vier. Het een toepassing van les 8, de les over registerimprovisaties

Het lied ‘Midden in de winternacht’ kun je op soortgelijke wijze behandelen. Dit lied vind je als Lied 486 in het Liedboek 2013. In de Hervormde Bundel 1938 is het nog niet opgenomen – een Nederlandse versie bestond destijds nog niet.

Download de voorbeelden als pdf: Notenschrift | Klavarskribo

Meer voorbeelden

Op het YouTube-kanaal van de Remonstrantse Arminiuskerk in Rotterdam vindt u voorbeelden van mijn improvisaties in de praktijk. In de advent- en kersttijd verschijnen dagelijks nieuwe afleveringen van improvisaties over kerkliederen, vaak samen met alt Nicky Bouwers. De liederen worden voorafgegaan door een korte meditatie door de predikanten dr. Tjaard Barnard en dr. Koen Holtzapffel.

OVER DEZE IMPROVISATIECURSUS

Deze cursus is het resultaat van een samenwerking met de volgende partners: Kerkrentmeesters van de Protestantse Gemeente Bolsward, Stichting Promotie Hinsz – orgel Bolsward, Kees Nottrot en Geert Berenschot, respectievelijk organist en koster van de Martinikerk en ORGELNIEUWS. Samuël Strijbis verzorgt beeld en geluid. Wilfred Folmer (namens de redactie van ORGELNIEUWS), Samuël en Kees gaven mij belangrijke inhoudelijke adviezen. Arnold Kersten zette de notenvoorbeelden over naar Klavarskribo.

Op vrijdag 6 november 2020 namen we tien afleveringen op, vijf voor Advent en Kerst, vijf voor periode daarna waarin liederen aan de orde komen voor Epifanie, ‘liedloze’ muziek bij het Heilig Avondmaal en bij de Heilige Communie, en liederen voor Passie en Pasen. Uiteindelijk is besloten de frequentie te stellen op één aflevering per twee weken, zodat de cursisten dan meer tijd hebben om een en ander te oefenen. We houden dan twee afleveringen voor Advent en Kerst over die we bij leven en welzijn in Advent 2021 op Orgelnieuws.nl kunnen plaatsen.