RECENSIE Louis Vierne, 24 Pièces en style libre voor harmonium

In een Parijse salon in het jaar 1914 zitten collega’s, leerlingen en andere muziekliefhebbers te wachten op het concert dat gegeven zal worden. De concertgever zal de nieuwste composities van Louis Vierne ten gehore brengen, nl. de 24 Pièces en style libre en de Messe basse, op de Mustel die tot het meubilair van de salon behoort.

Deze Mustel is de Rolls Royce onder de harmoniums. Een instrument gebouwd met de beste technologie en ontwerpen die in die tijd beschikbaar waren. Betrouwbaar en weinig onderhoud behoevend. Al snel kregen deze instrumenten de beste reputatie te hebben ter wereld. Vergelijkbaar met de Rolls Royce Silver Ghost uit die tijd. Het zilveren geluid en de mystieke geluiden doen deze vergelijking opdoemen.

Ik dwaal af … het concert gaat beginnen. Het eerste deel uit de Pièces en style libre heet Preambule en staat in C groot. (Evenals in het Wohltemperierte Klavier van Johann Sebastian Bach worden alle 24 stukken in chromatisch stijgende toonsoorten doorlopen.) Het is muisstil de muzikant zet zijn voeten op de trappers en er ontvouwt zich een schitterende klank zoals alleen een echte Mustel kan produceren.

We zitten gelijk gevangen in de fantastische klanken die we kennen van Vierne. Maar toch … de eenvoud, de fraaie melodielijn. En dan is het eerste deel voorbij. Zo volgen er nog 23 kleinoden van kortere duur, rond de 4 minuten met enkele uitschieters, in miraculeuze zettingen. Soms heel klein als het Complainte of Lied en dan weer virtuoos zoals het Carillon.

Na het Postlude volgt dan de Messe basse. Een instrumentale mis bestaande uit zie delen, niet specifiek voor de eredienst geschreven, maar wel eventueel daarin uit te voeren. Het concert duurde wel bijna twee uur maar de tijd leek stil te hebben gestaan. Je waande je in een Parijse salon in 1914.

Echter bij het openen van de ogen heb je het cd-doosje in handen en heb je geluisterd naar Markus Lehnert, een voor mij niet bekende, maar wel een zeer virtuoos harmoniumspeler. Hij speelde bovenstaand programma op een schitterende Mustel uit 1893. Een zeer uitgebreid instrument.

Vierne schrijft een 4½-spels harmonium voor, maar deze is van groter formaat. Eventueel mogen de werken op een tweeklaviersorgel van 18 tot 20 stemmen worden gespeeld, zegt Vierne. Maar zo fraai als op deze opname zullen deze composities niet beter kunnen klinken.

Lehnert speelt met een doeltreffende rust, doorzichtig en wordt geholpen door de fraaie akoestiek van de kerk. Er bestaan (volgens mij) geen harmoniumopnamen van deze werken, maar dit is nu al een standaard!

Louis Vierne schreef deze werken rond zijn Derde en Vierde Symfonie voor orgel: ook daarin is dat mystieke en zijn de vele noten in diverse toonsoorten terug te vinden. Zo groots als deze symfonieën zijn geschreven, passend op Cavaillé-Colls (de Rolls Royces onder de orgels), zo passend zijn deze stukken in vrije stijl op de harmoniums uit die tijd.

Van Motette zijn we gewend dat de opnames van formaat zijn en ook de begeleidende boekjes blinken uit in perfectie met foto’s van het gebruikte instrument en ook de dispositie. Voor liefhebbers is deze cd een must, voor mensen die minder vertrouwd zijn met dit soort harmoniums een openbaring.

Het is te hopen dat ook steeds meer organisten en orgelliefhebbers waardering gaan krijgen voor de (drukwind)harmoniums uit vervlogen tijden. Deze cd’s dragen daar zeer zeker aan bij. Een regelrechte aanrader!

Louis Vierne: 24 Pièces en style libre, Op. 31 / Messe basse, Op. 30

24 Pièces en style libre pour ORGUE ou HARMONIUM, Op. 31; Messe basse, Op. 30

Markus Lehnert, harmonium (Mustel 1893)

Motette – DCD MOT 15015, 2CD, TT 124′, opname 27-28/12/2019 (St. Mariä Himmelfahrt, Steinfurt-Borghorst (D)), prijs € 22,90 | motette.org

Nu u hier toch bent ...

Al meer dan 15 jaar leest u op ORGELNIEUWS alle actualiteiten uit het (Nederlandse) orgelleven helemaal gratis. En dat willen we graag zo houden!

Een levendige orgelwereld vol activiteiten heeft dat mede mogelijk gemaakt. Noodgedwongen staat een groot deel daarvan nu op een laag pitje. Maar het nieuws gaat door, ook in deze tijd. 

Daarom is uw bijdrage, hoe groot of klein, nu nog belangrijker. Zo blijft u voor nu en de toekomst actueel en objectief betrokken op de orgelcultuur! Het is maar een kleine moeite. Dank u wel.