21 juli 2017

SNEEP VI – Luthers

lutherse kerk amersfoort

Met regelmaat schrijft columnist Peter Sneep over alles wat maar aan het fenomeen orgel raakt. Die regelmaat zou zo maar eens maandelijks kunnen zijn. Aflevering VI – Luthers.

Het meisje aan de telefoon heeft een prachtige stem. Zo’n stem die als je ’m hoort recht je hart ingaat. ‘Ik heb je nummer van’, en ze noemt de naam van een gemeenschappelijke vriendin. ‘Ze heeft verteld dat je goed kunt orgelspelen en daarom wil ik vragen of je wilt spelen op onze trouwerij.’

Meisjes met zulke stemmen hebben natuurlijk een vriendje. Ik noteer haar trouwerij in mijn agenda. Augustus 1988. ‘19.00 uur: Bets en Christian, Lutherse Kerk, Amersfoort.’ De avond van de trouwdag heb ik met een rode pen de gezongen liederen erbij geschreven. Psalmen, gezangen en twee liederen uit de bundel van Youth for Christ.

Wat een vreemd instrument. Je gaat met een steile trap naar boven en daar tref je een de klavieren aan, ingeklemd tussen orgelkassen. Het is van oorsprong een eenklaviers orgel met aangehangen pedaal uit 1766 met achterkantbespeling van J.H.H. Bätz, later uitgebreid door G.C.F. Witte met een tweede klavier. Witte zette dat achter de rug van de organist neer, met daarachter nog de balgeninstallatie. Anatomisch gezien heeft het orgel dus een achterwerk. En als je zit te spelen, hoor je het hoofdwerk indirect, maar het achterwerk des te luider.

Het orgel stond er die dag aardig bij, herinner ik me. Een oud orgel speelt ook oud en voelt ook oud. Misschien zorgde dat ervoor dat ik andere eisen stelde.

Dat was wel anders in 2003. De Nederlands Gereformeerde dominee Freddy Gerkema organiseerde dat jaar een Psalmenmarathon. In dertien uur tijd zouden alle Geneefse psalmen worden gezongen. Deels door koren die zettingen van Goudimel, Le Jeune en Bourgeois zouden zingen, afgewisseld met samenzang. ’s Morgens om zeven uur beginnen, ’s avonds om acht uur klaar. Gerkema had een prachtig rooster opgesteld met blokken van een uur. Ook had hij organisten gezocht voor het begeleiden van de samenzang.

Plaats van handeling: de Lutherse Kerk in Amersfoort.

De situatie van het orgel was er flink op achteruit gegaan sinds 1988. De manualen speelde kartonnerig en onregelmatig. Sommige pijpen deden het niet meer of pas na enig aarzelen.

De hele dag in zo’n kerk zitten, zorgt voor onverwachte ervaringen. De Lutherse Kerk van Amersfoort staat ingeklemd tussen de bebouwing. Aan de zijkant heeft de kerk geen ramen. Licht komt binnen door een daklicht, de ramen boven de ingang en een raam waardoor je het naastgelegen pand inkijkt: toen nog een meubelzaak, tegenwoordig een restaurant met de naam Hemels.

Naast het orgel bevindt zich nog een raam. Tijdens de Psalmenmarathon maakte ik door dat raam mooie dingen mee. Het venster bood uitzicht op een vide, met aan de overkant het eetkamerraam van een studentenhuis. Gaandeweg de late ochtend en vroege middag kwamen er half uitgeslapen en half aangeklede studenten van beiderlei kunne ontbijten. Daarna kwamen ze aangekleed naar buiten en kwamen later weer terug met volle plastic boodschappentassen en kratten bier.

Half november vorig jaar werd ik zomaar ineens gemaild door de lutherse dominee. Ze vroeg of ik wilde spelen bij de heringebruikname van het orgel. De restauratie door Flentrop was achter de rug. Er zou een officieel programma zijn met genodigden op donderdag. De zaterdag erna zouden van half twaalf en half drie zes organisten een kwartier spelen. Amersfoortse organisten, lutherse organisten, oud-organisten van de Amersfoortse Lutherse Kerk.

Dat leek me een raar idee. Zes keer een kwartier. Zes verschillende organisten. Dan neem je een orgel toch niet serieus? Maar om een lang verhaal kort te maken: het was de beste ingebruikname die ik ooit heb meegemaakt. Alle mogelijke facetten van het orgel kwamen aan de orde. Het kwartier pauze na elke bespeling gaf genoeg gelegenheid om de concertgever te spreken, bij te praten met aanwezige orgelliefhebbers en te filosoferen over dit geweldige Amersfoortse orgeltje dat weer in alle glorie klinkt.

Ik raad het elke kerk aan die nog een orgel moet inwijden.

Het wollige nevenwerk van Witte vormt een heel mooi huwelijk met het voorname hoofdwerk van Bätz.

Van Bets en Christian heb ik nooit meer iets gehoord. Ze heten in het echt trouwens anders.

 


Peter Sneep (1962) is organist van drie vrijgemaakt-gereformeerde kerken in Amersfoort: de Kandelaar, de Schaapskooi en de Martuskerk. Hij componeert kerkmuziek en maakte daarvan een aantal cd’s. Orgelles kreeg hij van Hetty Koelewijn en Gerrit ’t Hart. In De Kandelaar is hij lid van de cantorij, die onder leiding van Harry van Wijk eens in de zoveel tijd aan de diensten meewerkt. Hij is radiopresentator bij de Reformatorische Omroep. Van 1986 tot 2014 werkte hij bij het Nederlands Dagblad. Hij is getrouwd met Petra en vader van Anna (3) en Manuel (1).

 

© 2017 beeld ORGELNIEUWS (Bätz-orgel Lutherse Kerk Amersfoort)

1 Reactie op SNEEP VI – Luthers

  1. Ha Peter. Ongeveer zo’n huwelijk kennen wij eveneens in Loosduinen waar ons orgel van Joachim Reichner (HW 1780/RW1791) door een grondige ‘restauratie’ in 1856 in de armen werd gedreven van juffrouw Bätz/Witte. Een huwelijk dat dankzij Loosduinse armoe in die dagen tot gevolg had dat ca 50% van Joachims pijpwerk in de orgelkas bleef. In de jaren ’60 van de vorige eeuw is even overwogen om Joachim zijn vrouw af te pakken en hem daarvoor in de plaats een achttiende-eeuwse reconstructiebruid terug te geven maar gelukkig is die verkering uitgegaan. Inmiddels gaat het oude koppel al weer 160 jaar gelukkig door het leven. Een geslaagde restauratie van Sicco Steendam heeft het echtpaar weer nieuwe vleugels en voeten gegeven en zelfs gezinsuitbreiding opgeleverd.Letterlijk want sinds die restauratie in 2006 doen ook de voetjes wat volwassener mee. Het aanvankelijk aangehangen pedaal kreeg drie eigen stemmetjes waaronder een brave Gedekt 8′ afkomstig uit het voormalig Witte-orgel (1861) van de Kloosterkerk in Den Haag. Het gezin is hiermee dus helemaal compleet. Bezoekers van het orgel aanschouwen een laat achttiende-eeuws orgel maar horen een orgel waarin ook Witte een woordje meespreekt. Daar is niks mis mee. Als je eens in de buurt bent moet je eens kennis komen maken met het stel.

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.

X