23 juli 2019

The Grand Organ of York Minster [AANBIEDING]

Decennia lang hadden we de lp en daarna de cd om weg te dromen bij een mooi muzikaal programma. Het aandachtig luisteren was niet veel anders dan in de concertzaal of in de kerk. Nu het medium dvd is doorgebroken, voelen veel organisten de noodzaak hun recital vergezeld te laten gaan van beeldmateriaal. Kortom: alle zintuigen worden aangesproken, het wachten is slechts op het medium dat ook nog de wierook ruikbaar kan maken.

Deze gedachten overvielen mij bij het aanschouwen van de dvd over en met het orgel van York Minster. Dit imposante en direct herkenbare orgel (met materiaal van de orgelbouwers Hill, Walker, Harrison en Coffin) wordt door de vaste bespeler John Scott Whiteley bespeeld in een programma van voornamelijk Franse componisten. Geen Howells, Leighton of Mathias, componisten die het op dit orgel met zijn briljante vulstemmen uitstekend zouden doen… De Engelse muziek wordt slechts vertegenwoordigd door de pompeuze Imperial March van Elgar, een ietwat bleke Prelude van Wood en de spectaculaire Variaties over een thema van Paganini voor pedaalsolo van Thalben-Ball.

Om met het laatste te beginnen: een kleine tien jaar geleden begon in Ripon en Liverpool de trend om beneden in de kerk een tweede speeltafel voor de kathedraalorgels te installeren. De organist heeft zo een goede auditieve controle over het orgel, maar vooral heeft het publiek er een visuele attractie bij (daar heb je het weer…).

Ook York beschikt nu over zo’n ‘console’ die er natuurlijk niet erg bijzonder uitziet: vrijwel alle vaste of losse Engelse speeltafels zien er zo uit en zijn met dezelfde maatvoeringen gebouwd. Dat lijkt saai, maar geeft organisten vanaf het moment dat zij serieus orgel studeren tot en met het moment dat zij gearriveerd zijn het gevoel ‘thuis’ te zijn. Volledige controle over de techniek (dankzij een vaste speelhouding en de logische indeling van deze speeltafels) is dan een feit.

Dat zien we bij Whiteley ook: vanuit een tamelijk serene houding achter de klavieren speelt hij moeiteloos de meest lastige passages. Kom daar eens om op onze fraaie maar weerbarstige Hollandse ‘concert’orgels. Op zulke momenten voegt het beeldmateriaal inderdaad wat toe, met name bij het aanschouwen van de pedaalacrobatiek bij de variaties van Thalben Ball (inclusief vierstemmig pedaalspel en glissandi!).

Voor de rest zien we echter tijdens de muziek voornamelijk het vaste camerabeeld van Whiteley op de rug gezien, gezeten achter, hoe kan het anders, dezelfde ietwat saaie speeltafel. Af en toe is er natuurlijk een shot van de Minster zelf, voortdurend vanaf de zuidzijde en probeert men ook logisch de beelden te kiezen aan de hand van de muziek. In Fiat Lux van Dubois is dat ietwat gechargeerd, tijdens het Scherzo van Gigout echter is dat zeker een vondst: we zien nu allerlei koddige figuurtjes (muizen, konijnen, neuspeuterende monniken) die overal in de kathedraal te vinden zijn in houtsnijwerk, kraagstenen en gebrandschilderd glas maar vaak met het blote toeristenoog niet te zien zijn!

Afgezien van de Franse composities, waarin Whiteley zich duidend in zijn element voelt, horen we een verrassend goed klinkend én uiterst muzikaal gespeeld werk van de Spaanse barokcomponist Francisco Peraza. Politiek correct is dit natuurlijk niet (op een dergelijk monsterlijk grote electro-pneumaat) maar dit is nu net zo’n werk én uitvoering die ik drie maal achtereen beluisterde. Voorafgaand aan dit werk horen we de Toccata van Vierne en het Adagio van Albinoni; erná Scherzo en Toccata van Gigout. Kortom: programmeren zoals we het van Engelsen gewend zijn! Who cares…

De bonustracks bestaan uit een korte door hemzelf uitgesproken biografie van Whiteley en een korte geschiedschrijving van het orgel en demonstratie van de diverse bijzondere registers. Voor de leek zal het merkwaardig zijn dat Whiteley soms registers noemt die horen bij het derde of vierde manuaal en ze vervolgens (dankzij de koppelingen) demonstreert op het eerste.

De geluidsopname is goed, zeker voor een dergelijk orgel in zo’n enorme ruimte. Merkwaardig is dat bij sommige stukken er duidelijk een windtekort lijkt op te treden waardoor de slotakkoorden ronduit vals zijn. Dan maar een Tuba minder, zou je zeggen. Het is moeilijk appels met peren te vergelijken, maar de presentatie van het kathedrale orgel in Liverpool op een eerdere Priory-dvd was net iets samenhangender en aantrekkelijker, niet in het minst door het eloquente optreden van organist Ian Tracey. Whiteley is een wat stijvere persoon, niettemin, voor wie goed oplet, gezegend met een gezonde dosis ‘tongue in cheek’ humor.

Het booklet is eenvoudig vormgegeven maar zeker informatief. De verantwoording over het gekozen beeldmateriaal is een bonuspuntje waard.

 

Muzikale interpretatie * * * * *
Programmakeuze * * *
Keuze van het instrument * * * * *
Kwaliteit van de opname * * * *
Informatie in het boeklet * * *
Grafische vormgeving (dvd en boekje) * * *

 


John Scott Whiteley – The Grand Organ of York Minster

Toccata in B flat minor – Suite no. 2 (Vierne); Adagio (Albinoni/Giazotto); Medio registro alto, 1er tono (Peraza); Scherzo in E (Gigout); Variations on a theme of Paganini for pedals (Thalben-Ball); Prelude on York Tune (Wood); Fantasia in F minor KV 608 (Mozart); Imperial March (Elgar); Fiat Lux (Dubois); Rosace – Esquisses Byzantines (Mulet); Fugue sur le Carillon des heures de la Cathédrale de Soissons (Duruflé); Toccata (Mushel); Improvisation sur Haec Dies.

Label: Priory Records
Nummer
: PRDVD2
Speelduur dvd 77’14” + extra’s:
Speelduur cd 75’49”:
Booklet: 12 pagina’s (EN)
Prijs: € 29,95

 

X