Raad van State: Flentrop-orgel moet vóór 2024 terug naar Leeuwenbergh Gasthuis Utrecht

Flentrop-orgel Leeuwenbergh Utrecht | foto Fotodienst GAU / collectie Het Utrechts Archief [81168]

Het Flentrop-orgel dat enkele jaren geleden uit het Leeuwenbergh Gasthuis in Utrecht is verwijderd moet daar vóór 2024 weer zijn teruggeplaatst. Dat volgt uit een uitspraak van de Raad van State.

Het orgel (22/IIP) werd in 1954 gebouwd voor wat toen nog de Leeuwenberghkerk was. Sinds 2010 is het instrument opgenomen in de beschrijving van het rijksmonumentale gebouw.

In 2019 verkocht de Stichting Gasthuis Leeuwenbergh het gebouw aan het Servaasbolkwerk zonder orgel aan Stadsherstel Utrecht. Het instrument zou de nieuwe functie als centrum voor kamermuziek in de weg staan. 

De stichting stelde dat het Flentrop-orgel als roerende zaak niet bij het monument hoort, en daarom zonder vergunning kon worden verkocht. De gemeente Utrecht en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed stonden daar lijnrecht tegenover. 

De Raad van State heeft de gemeente en de Rijksdienst nu in het gelijk gesteld. Het hoogste bestuursorgaan oordeelde dat opname in de beschrijving van het rijksmonument Gasthuis Leeuwenbergh leidend is. Het orgel moet op 1 januari 2024 zijn teruggeplaatst.

Het instrument dat is overgenomen door Flentrop Orgelbouw staat momenteel als tijdelijk orgel opgesteld in de Grote of St. Michaëlskerk Kerk Zwolle. Het Algemeen Dagblad meldt dat de orgelmaker te zijner tijd medewerking verleent aan de terugkeer van het orgel naar Utrecht.