Adema-orgel O.L.V. Geboortekerk Uitgeest gerestaureerd

adema-orgel olv geboorte uitgeest

Op zondag 22 mei wordt het gerestaureerde Adema-orgel in de kerk van Onze-Lieve-Vrouw Geboorte te Uitgeest opnieuw in gebruik genomen. Het herstel en de reconstructie van het instrument uit 1898 werd uitgevoerd door Adema’s Kerkorgelbouw te Hillegom en werd in november vorig jaar opgeleverd.

Het orgel in Uitgeest is het eerste pneumatische orgel van het huis Adema. In 1898 werd het door P.J. Adema & Zonen te Amsterdam volgens het systeem-Nöhren gebouwd met zgn. membraanladen (ook wel ‘voetjesladen’). Voor het vervaardigen van een groot deel van het labiaalpijpwerk werden de Duitse pijpenmakers Biehr en Laukhuff ingeschakeld, het overige pijpwerk inclusief de tongwerken werd bij Devos in Brussel gemaakt. Het orgel kreeg een uitgesproken Franse dispositieopbouw met alle tongwerken in de zwelkast van het Reciet. Duitse invloeden waren merkbaar in onder meer de dubbele strijkersbezetting op het Groot Orgel.

De speeltafel werd vervaardigd door Weigle met typische kenmerken als het ‘registerklavier’- een rij witte ondertoetsen die fungeren als registerdrukkers. Dergelijke speeltafels werden ook geleverd aan orgelmakers als Maarschalkerweerd en Schyven. De rijk uitgewerkte orgelkas werd gemaakt in het atelier van W.G. van Poorten in Deventer. Pastoor S.J. Witte gaf het orgel cadeau bij de gelegenheid van zijn 25-jarig priesterjubileum. De inspeling door Jos. Verheijen vond plaats op 29 november 1898.

 

Speeltafel Adema-orgel Uitgeest met derde registerklavier
Speeltafel met ‘derde’ registerklavier.

 

Dispositiewijziging
Waarschijnlijk rond 1925 onderging het orgel een dispositiewijziging. Wie de werkzaamheden uitvoerde is niet bekend. De firma Adema had het orgel in die tijd niet in onderhoud. De Trompet Harmoniek 8 van het Reciet en de Fluit Harmoniek 4’  van het Groot Orgel wisselden van plaats. Ook in 1951 toen het orgel weer bij Adema in onderhoud kwam – nu onder leiding van Hubert Schreurs – kreeg de dispositie een kleine opfrisbeurt. Zo verdween de Violoncello 8 van het Groot Orgel, verhuisde de Roerfluit 4 naar het Groot Orgel en kreeg het Reciet de voor die tijd typische Sexquialter II. De zwelkast van het Reciet, haaks op de rechter zijtoren geplaatst, kreeg extra jaloezieën aan de frontzijde van het orgel. In de jaren zeventig zou Schreurs nog eens restauratiewerkzaamheden aan het orgel uitvoeren.

Restauratie
Na een aantal decennia werd restauratie van het orgel opnieuw noodzakelijk. De firma Adema’s Kerkorgelbouw te Hillegom kreeg de opdracht voor de werkzaamheden, waarbij ook de mogelijkheid werd aangegrepen de oorspronkelijke dispositie te herstellen.

Het orgel werd geheel schoongemaakt en hersteld. Naast het vervangen van de membranen werden ook de relais en stations – die sinds de bouw nog nooit uit het orgel waren geweest – gerestaureerd. Ook de speeltafel werd geheel gerestaureerd, waarbij later met flexibel conduct aangebrachte windvoorzieningen werden verbeterd. De inschakeling van de (vaste) combinaties werd hersteld naar de gereconstrueerde, oorspronkelijke dispostie.

 

orgelkas adema-orgel olv geboorte uitgeest
De rijk uitgewerkte neogotische orgelkas, gemaakt door Verpoorten te Deventer, werd geheel schoongemaakt en hersteld.

 

Reciet
Niet geheel onwaarschijnlijk was de verplaatsing van de Trompet Harmoniek 8 van het Reciet naar het Groot Orgel ingegeven door ruimtegebruik in de oorspronkelijke opstelling van het pijpwerk. Met drie tongwerken op een rij aan de binnenzijde tegen het zwelraam van het Reciet was de bereikbaarheid voor stemwerk door de plaatsing van de zwelkast juist naast de lade van het Groot Orgel zeer gering.

Om de oorspronkelijke dispositie en het klankconcept te kunnen herstellen werd een oplossing gevonden in het draaien van de Recietlade met een halve slag. De tongwerken kwamen zo aan de buitenzijde van de orgelkas te staan. Door de panelen in de zijwand van de orgelkas uitneembaar te maken en een verwijderbaar plateau tussen zijmuur en orgelkas te maken, kunnen de tongwerken vanaf deze zijde gestemd worden.

Violoncello
Niet alleen de Trompet 8 kreeg zijn oorspronkelijk plaats op het Reciet terug, ook de Roerfluit 4 werd teruggplaatst. Op het Groot Orgel werd de Violoncello 8 gereconstrueerd. De strijker was in oorsprong van Duitse factuur, van zeer nauwe mensuur en bedoeld als tegenhanger van de Vlaamse Salicionaal van Devos. Op basis van de originele, in het orgel bewaard gebleven roosters, werd het pijpwerk van c0 tot en met d1 nieuw gemaakt en kon d#1 tot en met g3 uit de voorraad van de orgelmaker worden geleverd. Het groot octaaf kon worden ontleend aan frontpijpwerk wat tot dan toe weliswaar loos was maar evenwel voorzien van kernen.

 

Inscriptie pijpwerk van Devos uit Brussel
Inscriptie pijpwerk van Devos uit Brussel

 

Intonatie
De intonatie van het orgel bleek in de loop der jaren aanzienlijk gewijzigd. De gedekte fluiten werden met grote voetopeningen sterker gemaakt, terwijl de overblazende fluiten juist zachter werden gemaakt en afgesneden. Ook de strijkers werden zachter gemaakt en de prestanten kregen een minder geprononceerde, flûté karakter. De afstand tot de Mixtuur in vioolmensuur werd daardoor onevenredig groot.

Bij de restauratie werd deze ingrepen uit het verleden ongedaan gemaakt. Hiertoe moest het pijpwerk van de overblazende fluiten 8, 4 en 2 worden verlengd. De voor het orgeltype karakteristieke klankopbouw werd hersteld: een brede basis van achtvoeten, via de boventoonrijke octaaf 4 als kleine mixtuur via de tongwerken naar de mixtuur als klankkroon.

Registerschildjes
Bij de reconstructie van de dispositie bleken de gekleurde registerschildjes voor de speeltafel nog aanwezig in het archief van de orgelmakers. Waar de schildjes van het Groot Orgel in de regel wit zijn, tegen roze voor het Reciet, was deze kleurstelling bij de bouw in Uitgeest juist omgedraaid. Het roze porselijnen schildje in het juiste lettertype met het opschrift Violoncello 8 voor het Groot Orgel en het witte schildje voor de Roerfluit 4 kunnen waarschijnlijk als origineel bestempeld worden.

 

Adema-orgel Uitgeest registerschildje Violoncello
Het registerschildje van de Violoncello 8 in de oorspronkelijke kleur en lettertype bevond zich nog een de voorraad van de orgelmakers.

 

Ingebruikname
Het gerestaureerde Adema-orgel wordt op zondag 22 mei officieël weer in gebruik genomen. Ton van Eck, adviseur namens de Katholieke Klokken- en Orgelraad, zal het orgel bij die gelegenheid bespelen, evenals de plaatselijke organisten A.P. Schoen en G.J. Slegt. Het inspelingsconcert begint om 15.00 uur. Na afloop wordt er in Parochiehuis De Klop een hapje en drankje geserveerd. De kerk is gelegen aan de Langebuurt 39 te Uitgeest.

 

Dispositie

Groot Orgel C-g3
Bourdon 16
Prestant 8
Salicionaal 8
Violoncello 8
Fluit Harmoniek 8
Octaaf 4
Fluit Harmoniek 4
Mixtuur II-IV

Reciet C-g3
Viola 8
Bourdon 8
Quintatoon 8
Vox Coelestis 8
Roerfluit 4
Piccolo 2
Trompet Harmoniek 8
Fagot-Hobo 8
Vox Humana 8

Pedaal C-d1
Subbas 16
Openbas 8
Openfluit 4

Werktuiglijke registers
Als voettreden
Manuaal-koppel
Koppel Ped + I
Expression Reciet – zweltrede
Koppel Ped + II
Totaalkoppel – schakelt alle koppelingen ineens in / uit
Als pistons onder manuaal I
O (oplosser)
Registers
Combinaties
Tutti
Als pistons onder manuaal II
Vaste combinatie I
Vaste combinatie II
Vaste combinatie III
Vaste combinatie IV
Als registertrekker
Tremulant Reciet

 


Koororgel

Bij de ingebruikname wordt ook aandacht geschonken aan het onlangs verworven koororgel, afkomstig uit de kapel van het voormalige Amstelring-verpleeghuis Sint Jacob te Amsterdam. Dit instrument werd oorspronkelijk in 1970 door Hubert Schreurs geplaatst in  verpleeghuis Vreugdehof, eveneens in Amsterdam, waar het tot de verhuizing naar Sint Jacob stond. Dispositie: Manuaal (C-f3) Holpijp 8, Praestant 4, Roerfluit 4, Octaaf 2, Quint 2 2/3, Quint 1 1/3, Terts 1 3/5 (alle stemmen gedeeld bas/discant). Pedaal (C-d1) aangehangen.


 

 

© 2016 fotografie Adema’s Kerkorgelbouw BV, Hillegom