Delmotte-orgel Sint-Pieterskerk Leuven gereviseerd en uitgebreid

In de Sint-Pieterskerk te Leuven (B) wordt zaterdag 7 maart het gereviseerde en uitgebruide Delmotte-orgel uit 1935 in gebruik genomen. De werkzaamheden aan het voormalige Brusselse Wereldtentoonstelling-orgel werden uitgevoerd door Verschueren Orgelbouw te Ittervoort.

Het orgel in de Sint-Pieterskerk werd door de firma Maurice Delmotte te Doornik gebouwd voor het ‘paviljoen van het Katholieke leven’. Na de tentoonstelling werd het orgel in het verblijf van de Belgische prins Karel in Oostende geplaatst.

Leuven

In 1951 werd het orgel door de Sint-Pieterskerk in Leuven aangekocht ter vervanging van het Crinon-orgel dat bij het bombardement in 1944 verloren was gegaan. De parochie schonk het orgel aan oud-deken Bauts bij gelegenheid van zijn gouden priesterjubileum. Het instrument werd in één van de zijkapellen van de zuidelijke zijbeuk op de begane grond opgesteld.

Orgelfront en speeltafel in de Sint-Pieterskerk
Delmotte

Delmotte leverde een electro-pneumatisch instrument volgens de toen geldende inzichten. De windladen met een pneumatische systeem ‘à dépression’ garanderen een bijzonder directe aanspraak. Het klankbeeld is Frans-symfonisch geïnspireerd, maar vanwege de contacten met toonaangevende organisten had men ook oog voor moderne elementen.

Bij een relatief kleine dispositie is Delmotte erin geslaagd een opmerkelijk veelzijdig en breed inzetbaar orgel te realiseren. Meerdere transmissies en speelhulpen (onder meer in de vorm van octaafkoppelingen) spelen een wezenlijke rol in het concept en de klankopbouw.

In de loop der jaren was een aantal wijzigingen doorgevoerd; zo werden diverse registers opgeschoven en werd de toonhoogte gewijzigd.

Revisie en uitbreiding

Op basis van een plan van Luc Ponet, stadsorganist van Leuven, werd een offerte opgesteld voor revisie en uitbreiding van het orgel. Verschueren Orgelbouw te Ittervoort werd de opdracht voor revisie en uitbreiding verstrekt. Daarbij werd, naast technische herstel, het pijpwerk hersteld en de oorspronkelijke toonfunctie hersteld. Onvolkomenheden in de intonatie werden verholpen en de klankgeving werd op punten verbeterd.

De zelfstandigheid van het pedaal bleek, vanwege de vele transmissies, een zwak punt in het concept; om die reden werd het pedaal uitgebreid met 3 zelfstandige registers: Sousbasse 32’, Flûte 16’ en Bombarde 16’. Deze registers zijn op afzonderlijke windladen in een aanbouw achter de eigenlijke orgelkast opgesteld.

Gemoderniseerd

Het electro-pneumatische bedieningssysteem was aan revisie toe. Met respect voor de historische aanleg werd de techniek gemoderniseerd en werd een setzer-combinatie toegevoegd. De optiek van de speeltafel werd – als karakteristiek element uit de bouwtijd – zo veel mogelijk gerespecteerd. Voor de revisie en modernisering van de speeltafel werd een samenwerking aangegaan met Andreas Seul te Hüttenberg (D). De werkzaamheden gingen in 2019 van start en werden in februari 2020 afgerond.

Ingebruikname

De (her)ingebruikname vindt plaats op zaterdag 7 maart met een concert door Luc Ponet. De trompettisten Jose Chafer Mompo en Slawomir Cichor, sopraan Pauline Lebbe en Vocaal Ensemble Reflection onder leiding van Patrick Windmolders verlenen bovendien hun medewerking. Er staat repertoire van onder anderen Vivaldi, Mendelssohn, De Boeck, Van Nuffel, Peeters, Vaughan Williams en Widor op het programma. Het concert begint om 20.30 uur.


Dispositie en specificaties

Grand orgue C-c4 – superkoppels uitgebouwd tot c5
Montre 8
Bourdon 16
Flûte harmonique 8
Prestant 4

Positif expressif  C-c4 – superkoppels uitgebouwd tot c5
Flûte 8
Salicional 8
Flûte 4
Fourniture III
Basson-Hautbois 8
Cromorne 8

Récit expressif C-c4 – superkoppels uitgebouwd tot c5
Diapason 8
Bourdon 8
Gambe 8
Voix céleste 8 – vanaf c
Flûte 4
Quinte 2 2/3
Octave 2
Tierce 1 3/5
Cornet V – combinatie van 8, 4, 2 2/3, 2 en 1 3/5
Trompette 16 – C – H zelfstandig, vanaf c gecombineerd met Trompette 8
Trompette 8
Clairon 4 – gecombineerd met Trompette 8
Voix humaine 8
trémolo

Pédale C-g1
Sousbasse 32 – C-H 2020, vanaf c transmissie Bourdon 16
Flûte 16 – grenenhout, open, 2020
Contrebasse 16 – C-H zelfstandig, vanaf c i.cm. Flûte harm. 8 G.O.
Sousbasse 16 – transmissie van Bourdon 16 G.O.
Flûte 8 – transmissie van Flûte harm. 8 G.O.
Flûte 4                       
Bombarde 16 – metalen stevels en bekers, 2020
Trompette 8 – transmissie Trompette 8 Réc.
Clairon 4 – transmissie Trompette 8 Réc.

Nevenregisters en speelhulpen
Tirasse G.O.
Tirasse Pos.
Tirasse Réc.
Accouplement Pos. au G.O. (I + II)
Accouplement Réc. au G.O. (I + III)
Accouplement Réc. au Pos. (II + III)
Tirasse G.O. oct. aiguë (P + I 4′)
Tirasse Réc. oct. aiguë (P + III 4′)
Octave aiguë G.O. (I + I 4′)
Octave aiguë Pos. (II + II 4′)
Octave grave Pos. (II + II 16′)
Octave aiguë Réc. (III + III 4′)
Octave grave Réc. (III + III 16′)
Oct. aiguë Réc. au G.O. (I + III 4′)
Oct. aiguë Pos. au G.O. (I + II 4′)
Oct. grave Pos. au G.O. (I + II 16′)
Oct. grave Réc. au G.O. (I + III 16′)

Expression Pos.
Expression Réc.
generaal crescendo

2 vrije combinaties
Setzer

Toonhoogte: a1 = 440 Hz (bij 18°C)

Winddrukken:
G.O. – 115 mm WK
Pos. – 125 mm WK
Réc. – 130 mm WK
Péd. – 105 mm WK

Gegevens met dank aan Johan Zoutendijk, Verschueren Orgelbouw te Ittervoort