Feenstra plaatst Foster & Andrews-orgel in Harelbeke

In de Sint-Salvatorkerk te Harelbeke (België) wordt op 23 november een gerestaureerd Forster & Andrews-orgel in gebruik genomen. Het orgel werd in 1865 gebouwd voor de Castlegate Congregational Church te Nottingham voor een prijs van 449 pond. Het heeft 27 stemmen, verdeeld over Great, Swell, Choir en Pedal. De restauratie werd uitgevoerd door F.R. Feenstra te Grootegast, die ook tekende voor het maken van een nieuwe orgelkas.

De Sint-Salvatorkerk is een ruime classicistische kerk, gebouwd tussen 1769 en 1773. De bouw van de kerk werd destijds groot opgevat, omdat de voorvaders van de graven van Vlaanderen er lagen begraven. In 2009 werd het interieur volledig gerestaureerd. Als sluitstuk daarvan werd nu het gerestaureerde orgel geplaatst in het transept, vóór de Heilige-Doornkapel.

Het instrument staat aanvankelijk in het orderboek van Forster & Andrews als groot tweemanualig instrument. Nog voordat het werd geïnstalleerd heeft men echter tijdens de bouw een derde manuaal (het Choir) toegevoegd. De Clarinet, die oorspronkelijk was gepland op het Great, verhuisde naar het Choir. De open plaats op het Great bleef leeg.

In 1894 werd werk uitgevoerd door Cousans uit Lincoln. Waarschijnlijk is bij die gelegenheid een manuaalkoppel Swell to Choir toegevoegd, evenals een Pedal Octave coupler. Ook de tremulant (met zijn signering) is door hem geplaatst. In 1908 besloot men een groter orgel aan te schaffen (een viermanualig Binns-orgel met 35 stemmen), en het Forster & Andrews-orgel te schenken aan Hyson Green United Reformed Church. De Mixture van het Great en de Cornopean werden verwijderd, mogelijk door Loyd uit Nottingham die de verhuizing uitvoerde. In 2000 werd het instrument in vrijwel onbespeelbare staat ter verkoop aangeboden, en belandde het in de opslagruimte van restaurateur Feenstra te Grootegast.

Bij de recente restauratie zijn latere dispositiewijzigingen ongedaan gemaakt, en is pijpwerk aangevuld met passend historisch pijpwerk uit voorraad. De niet originele Horn van het Swell verhuisde naar het Great; het pijpwerk had de factuur en inscripties van een Cornopean. Op het Swell werd een gebruikt tongwerk geplaatst van Conacher, op de plaats van de Horn. De waarschijnlijk niet originele Oboe werd gehandhaafd. Op de lege plek op het Great, waar de Clarinet ooit was gepland, werd nu een Clarion 4 ft geplaatst. De verdwenen Mixture 3 ranks werd gereconstrueerd met behulp van pijpwerk uit voorraad. Uit bestudering van de roostergaten bleek dat de samenstelling identiek moest zijn geweest aan de drie hoogste koren van de Mixture 4 rks van het Swell. De conclusie lijkt gerechtvaardigd dat de Sesquialtra III ( een terts-mixtuur) uit het originele bestek nooit is geplaatst, maar men tijdens de bouw heeft besloten een quint-mixtuur te plaatsen. Vergelijking met andere disposities van F & A uit de bouwtijd leren dat de Sesquialtra rond deze tijd verdwijnt. Op het oog lijkt ook het registerplaatje (met opschrift Mixture 3 rks) origineel te zijn.

Het instrument heeft een grote en heldere klank, zoals gebruikelijk bij instrumenten van deze bouwers. Tot in de late 19e eeuw bleven hun instrumenten opvallend klassiek, in tegenstelling tot het werk van andere Engelse bouwers. Forster & Andrews waren sterk beïnvloed door de Duitse orgelbouw van die dagen, met name door Edmund Schultze die een omvangrijk instrument bouwde in Donchaster Cathedral (1862). Zowel in de dispositie als in de intonatie is die invloed duidelijk aanwijsbaar.

Laurence Elvin beschrijft in zijn boek “Forster And Andrews Organ Builders 1843-1956” hoe men in 1865 een concert organiseerde in de opbouwruimte van het bedrijf te Hull.

“On one occasion during 1865 the large erecting hall and gallery was full and upwards of two hundred folk heard Mr. Skelton (Organist of Holy Trinity, Hull) and Mr. Andrews demonstrate an organ intended for Castlegate Congregational Church, Nottingham. Andrews was an organist of no mean ability and sometimes opened the firm’s new organs.”

Het destijds in de werkplaats gedemonstreerde orgel was dus het Harelbeekse exemplaar!

De ingebruikname op vrijdag 23 november vindt plaats om 19.00 uur. Het instrument wprdt bespeeld door Nico Ronsse (de organist van de Sint-Salvatorkerk), aansluitend is er om 20.00 uur een concert door Sietze de Vries.

Dispositie

Great C-g3

Open Diapason 8

Stopt Bass (12) 8

Rohrflöte 8

Hohlflöte 8

Dulciana 8

Principal 4

Harmonic Flute 4

Twelfth 2 2/3

Fifteenth 2

Mixture III

Cornopean 8

Clarion 4

Swell C-g3

Lieblich Bourdon 16

Open Diapason 8

Stopt Bass (12) 8

Stopt Treble 8

Flauto Amabile 8

Principal 4

Piccolo 2

Mixture IV

Horn 8

Oboe 8

Tremulant

Choir C-g3

Flute d’Amore 8

Lieblich Gedact 8

Celestina 4

Lieblich Flöte 4

Clarinet 8

Pedal C-f1

Open Wood 16

Bourdon 16

Koppelingen

Swell to Great

Swell to Great in Octaves

Swell to Choir

Great to Pedal

Swell to Pedal

Choir to Pedal

Mixtuursamenstellingen

Mixture Swell:

C: 2 – 1 1/3 – 1 – 2/3

c0: 2 2/3 – 2 – 1 1/3 – 1

c1: 4 – 2 2/3 – 2 – 1 1/3

g1: 8 – 4 – 2 2/3 – 2

Mixture Great:

C: 1 1/3 – 1 – 2/3

c0: 2 – 1 1/3 – 1

c1: 2 2/3 – 2 – 1 1/3

g1: 4 – 2 2/3 – 2

Toonhoogte: 448 Hz

Winddruk: 76,2 mm wk (3 inch)

© 2012 www.orgelnieuws.nl

© 2012 foto F.R. Feenstra, Grootegast