Het Boogaard/Steenkuyl-orgel in De Poort te Urk

Kerkelijk Centrum De Poort te Urk beschikt sinds eind 2025 over een nieuw pijporgel. Het instrument werd op vrijdag 6 februari 2026 officieel in gebruik genomen. Orgelmakerij Boogaard uit Rijssen bouwde het orgel met gebruikmaking van onder meer pijpwerk uit het voormalige Steenkuyl-orgel van de Westerkerk te Enkhuizen.

Text Example

advertentie



De Poort is het kerkelijk centrum van de Gereformeerde Kerk te Urk. Het huidige kerkgebouw werd in 2013 in gebruik genomen en verving een kerk uit 1974 die in de loop der jaren meerdere malen was verbouwd. De kerk biedt plaats aan circa duizend bezoekers. Er werd altijd gebruikgemaakt van een elektronisch orgel.

Zoektocht

Voor de nieuwe kerk ging men op zoek naar een geschikt pijporgel. Daarbij kwamen verschillende instrumenten in beeld, waaronder het Proper-orgel in de Zilverstraatkerk te Franeker, het Kramer-orgel in de Zijdekerk te Boskoop, het Valckx & Van Kouteren-orgel in de Sint-Gertrudiskerk te Utrecht en orgels uit de Duitse plaatsen Rhede en Wildeshausen. Ook werd gekeken naar het Pels-orgel in de Cultuurkoepel te Heiloo. Deze opties bleken echter te klein, niet beschikbaar, reeds verkocht of anderszins ongeschikt.

Een oplossing diende zich aan toen pijpwerk beschikbaar kwam van het voormalige Steenkuijl-orgel uit de Westerkerk te Enkhuizen. Dit materiaal was in bezit gekomen van het Nationaal Orgelmuseum te Elburg en kon door de Gereformeerde Kerk te Urk worden verworven.

Enkhuizen

In 1899 plaatste  Daniël Gerard Steenkuyl (1838-1921) een nieuw, pneumatisch orgel van 21 registers  in de historische orgelkas van de Westerkerk te Enkhuizen. Daarbij bleef het frontpijpwerk van Duyschot behouden.

In 1955 voerde D.A. Flentrop enkele dispositiewijzigingen door. In 1990 volgden een uitbreiding in de kas van het rugpositief en verdere dispositiewijzigingen door Jan Bruin. Het orgel was sinds de jaren negentig niet meer bespeelbaar en werd in 2003 door Flentrop gedemonteerd.

Lees ook
Hoofdwerk en Pedaal Verschueren-orgel Westerkerk Enkhuizen in gebruik genomen

Toen een stichting zich later over de vervallen Westerkerk ontfermde, ontstond het plan opnieuw een functionerend orgel in de kerk te realiseren. Het Steenkuijl-pijpwerk werd door de Rijksdienst echter als onvoldoende historisch waardevol beschouwd om voor subsidie in aanmerking te komen. Het materiaal bleef daardoor beschikbaar en werd geschonken aan het Nationaal Orgelmuseum.

Boogaard

Op basis van dit pijpwerk werd orgelmakerij Boogaard uit Rijssen gevraagd een voorstel te doen voor een nieuw instrument. Omdat geen historisch orgel als geheel werd overgenomen en ook geen kaswerk aanwezig was, kon een orgel met een eigentijdse vormgeving worden ontworpen. De orgelkas werd afgestemd op het asymmetrische interieur van De Poort, terwijl het klankconcept aansluit bij de muzikale praktijk van de Urker gemeente.

Orgelmakerij Boogaard ontwierp een front passend bij de asymmetrie van de kerkzaal | © foto Orgelmakerij Boogaard

Bij de restauratie van het orgel in de Bethelkerk te Urk in 2013 was pijpwerk vrijgekomen dat destijds niet voor subsidiabele restauratie in aanmerking kwam. Adviseur Henk Verhoef en orgelmakerij Boogaard beoordeelden dit materiaal opnieuw; het bleek goed te combineren met het Enkhuizer pijpwerk en werd in het nieuwe orgel toegepast.

Pijpwerk van het Bovenwerk tijdens de opbouw van het orgel | © foto Orgelmakerij Boogaard

Bouw

Voor de windladen werden sleepladen uit de voorraad van de orgelmakerij gebruikt en volledig gerestaureerd. De mechanische toets- en registertractuur werd nieuw vervaardigd. De wellenramen zijn uitgevoerd in eikenhout met metalen welarmen.

Ook voor de windvoorziening kon gedeeltelijk gebruik worden gemaakt van bestaand materiaal. Drie magazijnbalgen – één voor elk werk – werden geheel gerestaureerd, terwijl de windkanalen nieuw werden vervaardigd uit grenenhout.

Pijpwerk

Ter aanvulling van het pijpwerkbestand uit Enkhuizen en de Bethelkerk werd op het pedaal een Octaafbas geplaatst met pijpwerk afkomstig van het Valckx & Van Kouteren-unitorgel (1956) uit de voormalige Sint-Josephkerk te Luttelgeest. Van dit orgel werden ook de mahoniehouten pijpen van de Subbas 16’ gebruikt voor het groot octaaf van de Prestant 16’. De Contrabas 16’ werd door Boogaard nieuw vervaardigd.

Claviatuur | © foto Orgelmakerij Boogaard

Ingebruikname

Op zondag 7 december 2025 werd het orgel voor het eerst gebruikt in de eredienst. De geplande officiële overdracht op vrijdag 9 januari 2026 moest wegens winterse weersomstandigheden worden uitgesteld.

De officiële presentatie vond uiteindelijk plaats op vrijdag 6 februari 2026. Tijdens deze bijeenkomst werd het orgel bespeeld door adviseur Henk Verhoef, zowel in de begeleiding van samenzang als in orgelliteratuur.

Dispositie

S = Steenkuyl, Westerkerk Enkhuizen, 1899
VK = Valckx & Van Kouteren, St. Josephkerk Luttelgeest, 1956
MV = Martin Vermeulen, Bethelkerk Urk, 1911
P = Pels & Van Leeuwen, Bethelkerk Urk
(1969-1987)
B = Orgelmakerij Boogaard, 2025

Hoofdwerk C-g3
Prestant 16 – C-H mahonie, gedekt VK; c0-h0 front, c¹-g³ op lade
Octaaf 8 – B – C-h0 front; c¹-g³ dubbelkorig, op lade.
Quintadeen 8 – S
Holpijp 8 – S      
Octaaf 4 – S
Fluit 4 – MV
Quint 3 – S
Octaaf 2 – S
Mixtuur III-IV – P 1987
Cornet IV – discant; P 1987
Fagot 16 – S
Trompet 8 –S

Bovenwerk C-g3
Prestant 8 – S – C-H i.c.m. Gemshoorn 8
Gemshoorn 8 – S – C-H hout, gedekt, rest metaal
Roerfluit 8 – S – C-H hout, rest metaal
Viola di Gamba 8 – S
Octaaf 4 – P 1987
Fluit Harmonique 4 – S
Nasard 3 – B
Piccolo 2 – S
Flageolet 1 – P 1987 – uit voormalige Carillon III
Sesquialter II – P 1987
Basson-Hobo 8 – S

Pedaal C-f3
Contrabas 16 – B – C-H open hout, c0– f1 metaal 
Subbas 16 – S
Octaafbas 8 – VK
Bazuin 16 – P 1970
Trombone 8 – MV en P 1970

Werktuiglijke registers
Koppel Pedaal – Hoofdwerk
Koppel Pedaal – Bovenwerk
Koppel Hoodwerk – Bovenwerk
Tremulant HW
Tremulant BW

Winddruk: circa 78 mm waterkolom
Stemming: evenredig zwevend

Samenstelling vulstemmen

Cornet IV
42 2/321 3/5
Mixtuur III-IV
C21 1/31
c2 2/321 1/31
42 2/321 1/3
42 2/322
Sesquialter II
C1 1/34/5
c2 2/31 3/5

Gegevens met dank aan Orgelmakerij Boogaard, Rijssen