RECENSIE Clair-obscur: papier, boekdrukkunst en orgels

boek clair obscur

Wat een leuk boekje! In het Vlaardingse orgel werd een bijzondere ontdekking gedaan, de grootste houten pijpen van het Van Peteghem-orgel bleken te zijn voorzien van papier. Hierbij was het opvallend dat het geen papier was uit de bouwtijd van het instrument, maar 200 jaar ouder, uit de eerste helft van de zestiende eeuw. Een mooie reden om de relatie tussen papier en orgels te onderzoeken en in boekvorm voor de geïnteresseerde lezer te ontsluiten.

Nu zijn historische papiervondsten in een orgel niet uniek. Met enige regelmaat komen bij restauraties bijzondere kranten, brieven etc. aan het licht. Recycling was in vorige eeuwen wellicht beter ontwikkeld dan in onze tijd. Deze tastbare historie vertelt een eigen verhaal dat boeiend is om te lezen.

Het boek belicht het thema ‘papier en orgel’ van drie kanten. Eerst wordt uitgebreid het boek (letterlijk) in beeld gebracht wat benut werd om het orgel te beplakken. Een brevier die het kerkelijk jaar lijkt te volgen. Liefhebbers zullen vooral geïnteresseerd zijn in de fraaie illustraties, daar worden we ook ruimschoots op getrakteerd. Ongeveer de helft van het boek is ingeruimd om fragmenten van dit werk te laten zien.

Het tweede deel gaat in op de wijze waarop papier, vooral perkament, werd gebruikt in de orgelbouw. Schriftelijke bronnen ontbreken, dus het zijn de vondsten zelf die het verhaal vertellen. In sommige gevallen levert het zelfs nog onbekende orgeltabulaturen op, vaak zijn het fragmenten van geestelijke werken. Minder stichtelijk is het in Uithuizen, waar speelkaarten werden gebruikt. Desondanks heeft deze Schnitger altijd verheven klanken voortgebracht.

Persoonlijk vond ik vooral het derde deel, het hoofdstuk over de gedrukte muziek, interessant. We krijgen zowel een inkijkje in de het graveren en drukken van de muziek als in de verschillende notatiewijzen in de zestiende en zeventiende eeuw. Vooral de tabulaturen blijven boeien. Omdat het gaat om gedrukte muziek blijven helaas de vele Noord-Duitse tabulaturen uit Celle en Lüneburg buiten beschouwing.

Interessant is de hypothese dat vooral in de zestiende eeuw, maar ook in de twee eeuwen daarna, gedrukte muziek vooral als schema gold en minder als letterlijke partituur. Helaas wordt deze stelling weinig onderbouwd en dat vraagt mijns inziens om meer nuance. Overigens deel ik wel de mening dat vroege uitgaven vaak nauwelijks geschikt waren om op de lessenaar te zetten.

Deze bijdrage wordt afgesloten met enkele voorzichtige veronderstellingen over het waarom van gedrukte muziek. Ideaal voer voor vervolgonderzoek!

Voor alle bijdragen geldt dat de auteurs grondig onderzoek hebben gedaan. Omdat zij zich beperken tot hoofdlijnen is het daardoor een mooi en boeiend geschreven reisverslag geworden. Voor wie er nog meer van wil weten is er een uitvoerig notenapparaat.

Naast de vele illustraties van de Vlaardingse vondsten zijn er ook hele waardevolle fragmenten van de verschillende partituren opgenomen die deze uitgave verlevendigen. Kortom een prettig leesbaar en leerzaam werkje dat bovendien ook nog eens fraai is vormgegeven. 

clair obscur

Johan Zoutendijk (red.)

Clair-obscur: Papier, boekdrukkunst en orgels

met bijdragen van Jean Ferrard, Peter van Kranenburg en Johan Zoutendijk

Stichting Van Peteghem-orgel Vlaardingen, 2021 – 120 p., prijs € 25 (ex. € 5 verzendkosten) | orgelvlaardingen.nl