Dialogue – Gerben Mourik – Toulouse

Dialogue Gerben Mourik Toulouse

Terecht vraagt Mourik zich in het boekje af: ‘Wat kun je aan de vele orgel cd’s die reeds verschenen zijn, nog toevoegen’? Het is te waarderen dat een jonge Nederlandse organist zich deze reflectieve vraag stelt. Het ware te wensen dat de vraag meer werd gesteld, zowel ten aanzien van cd-producties als concerten.

En om maar met de deur in huis te vallen: juist Gerben Mourik hoeft zich deze vraag eigenlijk niet te stellen. Hij voegt namelijk terdege iets toe. Zelf stelt hij dat de elementen 20e eeuws Nederlands repertoire en improvisatie onderbelicht zijn. Laten we maar toevoegen: artistiek hoogstaande improvisaties. Dat mag altijd meer. Laffe pulp is er immers al te veel. Mourik (winnaar van onder meer het Haarlemse Internationale Improvisatieconcours in 2008) stelt ons een improvisatie cd uit Toulouse in het vooruitzicht. Veelbelovend.

Op de draaitafel ligt Dialogue – een plaat met een recital op ooit het door de vermaarde Félix Reinburg geïntoneerde Cavaillé-Coll-orgel uit de Basilique St. Sernin te Toulouse. Een Cavaillé-Coll die in de top vijf staat, met een wat klassiekere klankopbouw dan bijvoorbeeld Rouen.

Overtuigend opent Mourik met Marchands Dialogue – uit 1696! Aangrijpend klinken twee van de Sept Chorals-Poëmes pour les sept paroles du Xrist opus 67 (1935). Eli, Eli, lamma sabacthani klinkt onder zijn handen verfijnder dan bij Marie-Louise Langlais Rocquevaire (Festivo 164), maar ook wel minder dramatisch. Over ‘onderbelicht’ gesproken: ondanks de inspanningen van Tjeerd van der Ploeg is Tournemire nog altijd een onderbelichte componist. Ook om die reden valt Mouriks programmakeuze te waarderen. Wie naar Crucifixion uit de Symphonie Passion op. 23 van Dupré luistert, kan trouwens horen dat ook Dupré Eli, Eli van Tournemire kende … Tournemire mag wat miskend lijken, hij heeft zijn sporen beslist nagelaten in het 20e eeuwse Franse repertoire.

De programmering van Frescobaldi’s Toccata Duodecima moge gedurfd lijken; op zo’n instrument kan toch ook weer veel. En Tournemire zelf had volop belangstelling voor de ‘oude meesters’.

Keijzers Suite uit 2006 is ontstaan naar aanleiding van een verzoek van musicus en muziekkenner Henk van der Poel. Een wereld van verschil met Keijzers eerdere Suite voor orgel, te horen door Keijzer zelf op het label Prestare. Keijzers latere werken zijn mystieker en meer hymnisch. Keijzers werk komt trouwens uitstekend tot zijn recht op dit karaktervolle instrument. Invloeden van Vierne en Duruflé zijn waarneembaar. Bij Bonefaas horen we herinneringen aan Howells. Als ‘Sortie’ klinken Hakims Variations on two themes. Door de eerder al genoemde klankopbouw van Toulouse beter te volgen dan op enkele andere opnamen.

Waardering voor het goed opgebouwde programma en ook voor het originele boekje. Een minpuntje: door de kwaliteit van het drukwerk blijven vingerafdrukken op storende wijze achter op het boekje – ook als je geen franse frietjes aan het eten bent. Jammer van zo’n fraai ontwerp. Hulde ook voor de foto’s in het boekje, onder andere voor de prachtige foto van de grote toonkunstenaar Keijzer.

 

 


Dialogue

Gerben Mourik Basilique St. Sernin Toulouse / Cavaillé-Coll 1889

Dialogue (1696 Louis Marchand (1669-1732); Dialogue à 3 Claviers et Alexandre Pierre François Boëly (1785-1858); Choral IV pour Grand Orgue (2001 Jan Bonefaas (1926-2004); Extraite des Sept Chorals-Poëmes pour les sept paroles du Xrist opus 67 (1935) Charles Tournemire (1870-1939); 4. IV Eli, Eli, Lamma sabacthani; V Sitio; Toccata Girolamo Frescobaldi (1583-1643); Suite voor orgel (2006) Arie J. Keijzer (1932): Prélude, Andante, Finale; Intermezzo opus 129 no. 7 (1913) Max Reger (1873-1916); Variations on two themes (1991 Naji Hakim (1955);

Label: VITA Recordings 2011
Totaal tijd: 74’19”
Booklet 24 p. D/ E
Bestellen kan via www.vitarecordings.com (€ 18,95 incl. verzending)