RECENSIE Het Cavaillé-Coll-orgel in de grote zaal van het Tsjaikovski Conservatorium Moskou

cavaille coll organ moscow konstantin volostnov

Het is de zwanenzang van Aristide Cavaillé-Coll: in Moskou staat het laatste orgel dat hij nog zelf onder handen heeft gehad. Konstantin Volostnov presenteert nu ‘zijn’ orgel op een cd waar de liefde vanaf spat. 

Cavaillé-Coll overleed 13 oktober 1899, terwijl het instrument pas in 1901 is geplaatst in de grote zaal van het Tsjaikovski Conservatorium. Maar toen had het allang de werkplaats van de beroemde Parijse orgelbouwer verlaten. Het was daarvoor tentoongesteld in het Ruslandpaviljoen van de Wereldtentoonstelling van 1899 in Parijs. Het instrument is in 2016 door Rieger Orgelbau gerestaureerd.

Cavaillé-Coll in Rusland

Cavaillé-Coll in Moskou is minder vreemd dan het lijkt. Weliswaar is er geen lijn met de kerk (orgelmuziek heeft geen plek in de Orthodoxe liturgie), maar cultureel gezien hoorde Moskou – vóór WO I en de Revolutie – helemaal bij de Europese elite. Rimski-Korsakov en Tsjaikovski bezochten Parijs, niet alleen om hun muziek uit te voeren, maar ook om te netwerken. Zo waren er uitgebreide contacten met Widor. 

Aan het eind van de negentiende eeuw wordt het Moskous Conservatorium uitgebreid, met onder andere een Grote Zaal. Daar moest natuurlijk een toporgel in, en – mede door de invloed van de naamgever van het Conservatorium – wisten de bestuurders de toporgelbouwer uit Parijs te vinden, die inmiddels ook grote ervaring had met instrumenten voor concertzalen. 

Groninger dorpsorgel

De geschiedenis van het orgel in Moskou doet in de verte denken aan die van veel Groninger dorpsorgels: gebouwd in tijden van welvaart door één van ’s werelds beste bouwers, en daarna vanwege economische terugval niet vervangen, uitgebreid of bij de tijd gebracht. Het instrument is zo goed als integraal bewaard gebleven! Vergelijk dat bijvoorbeeld eens met het orgel in het Amsterdamse Paleis voor Volksvlijt (inmiddels Philharmonie Haarlem). 

De Moskoviet Konstantin Volostnov (1979) is discipel van het conservatorium en er inmiddels docent. In het cd-boekje doet hij de geschiedenis van het orgel uit de doeken. Zijn verhaal is soms erg gedetailleerd (over verdwenen achterschotten en draagbalken die op de grootste pijpen van de Soubasse 32’ rustten), maar boeit vooral omdat hij de geschiedenis van het orgel vertelt tegen de achtergrond van de geschiedenis van Rusland, en van de Russische orgelcultuur. 

Vintage Cavaillé-Coll

Het andere verhaal wordt door Volostnov op de cd verteld, met zijn handen en voeten: wat een prachtig instrument is deze authentieke Cavaillé-Coll! Alles klopt: de afzonderlijke stemmen (luister naar de diverse trompetten, of de fluwelen Flûte Harmonique in het laatste deel van Franck’s Prélude, fugue et variation), de verzadigde klank van de grondstemmen, en vooral: hoe grondstemmen, tongwerken en vulstemmen schitterend mengen in een indrukwekkend vol werk, dat nooit brult of schreeuwt. 

Dit is geen Cavaillé-Coll in een Franse kathedraal, maar in een concertzaal met maar weinig galm. Ook de opname is vrij direct. Maar het orgel blijft staan als een huis, evenals het spel van Volostnov. Zelden heb ik zo mooi en helder de polyfone lijnen in Francks Chorals gehoord.

Konstantin Volostnov laat absoluut meesterschap horen. Luister bijvoorbeeld eens naar zijn vertolking van Widors Toccata: perfecte technische beheersing, maar vooral: de muziek danst!

Anabole steroïden

Ik heb eigenlijk maar één bedenking bij deze cd, en dat betreft de programmering. Natuurlijk speel je Franse romantiek als je een authentieke Cavaillé-Coll wil presenteren, met ook een paar toppers. Maar het programma van Volostnov lijkt nu op music for the millions op anabole steroïden.

We krijgen bijna achter elkaar zes toccata’s geserveerd. Na Widor, Bach en Boëlmann halen we even adem met Prélude, fugue et variation, om vervolgens nog een graadje heftiger te vervolgen: Vierne, Mulet (Tu es petra) en Gigout. Allemaal smaakvol en overtuigend gespeeld, maar achter elkaar is het mij teveel van het goede. Gelukkig sluit de cd dan af met de drie Chorals van Franck.

.SU

Het boekje is bijzonder fraai vormgegeven, met zowel historische als nieuwe kleurenfoto’s. Naast het historisch overzicht door Volostnov nog de dispositie van het orgel en de bio van de organist. De productie is van Melodiya, het voormalig staatsmuzieklabel van de Sovjet-Unie. Hun webadres heeft nog de extentie .su ! Of je daar de cd kunt bestellen, is me niet helemaal duidelijk. De muziek wordt ook aangeboden via streamingdiensten. 

Waardering: 4 uit 5.

Cavaillé-Coll organ of The Grand Hall of the Moscow Tchaikovsky Conservatory

Widor: Toccata (uit Symfonie V); Bach: Toccata & Fuga BWV 565; Boëlmann: Toccata (uit Suite Gothique); Franck: Prélude, Fugue et variation; Choral I, II en III; Vierne: Toccata (uit 24 Pièces de Fantaisie); Mulet: Toccata (uit Esquisses Byzantines); Gigout: Toccata

Konstantin Volostnov, Cavaillé-Coll-orgel (50/IIIP), Grote Zaal Tsjaikovski Conservatorium, Moskou

Мелодия (Melodiya) – MEL CD 1002622, TT 76’43, opname 2018, uitgebracht 2021, booklet 42 p. RUS/EN | Melody.su