Zo was het … zo is het! [RECENSIE]

Portet van een Müller-orgel: Frank van Wijk bespeelt het gerestaureerde Müller-orgel (1762) in de Kapelkerk te Alkmaar

Label: SVVHO 2005-1

Tijdsduur: 77′:45″

Booklet: 24 pagina’s, N, E

Prijs: € 18,00

Voor een bijzonder informatief en aantrekkelijk klankdocument zorgde Frank van Wijk met deze cd. Meestal heb je, wanneer een historisch orgel eenmaal gerestaureerd of gereconstrueerd is, geen duidelijk beeld meer van de situatie voordat het zover was. Maar bij dit orgelportret uit Alkmaar hoeft daarvan geen sprake te zijn. Zowel de klank van vóór de restauratie als die van erna is op deze schijf vastgelegd. De eerste opnamen (ongeveer 20% van de speelduur van de cd) werden gemaakt in mei 2001, kort voordat het orgel gedemonteerd werd. De latere opnamen dateren uit januari 2005, nadat de firma Flentrop het gerestaureerde orgel had opgeleverd. Het zal duidelijk zijn dat dit gegeven alleen al sterk aan de informatiewaarde van deze productie bijdraagt. Ook de inhoud van het boekje doet dat: goede, in heldere taal geschreven informatie over het instrument, het gespeelde programma en de executant. Alle registraties zijn bovendien duidelijk vermeld. Zes foto’s completeren het verzorgde geheel.

Wat je hoort is een wereld van verschil: een wat flets, voorzichtig en niet bijster interessant klankbeeld voor de restauratie, en erna een levendige, boeiende en veel meer presente klank. Frank van Wijk illustreert dat treffend in het enkele delen uit een Ciaconna van Pachelbel, die, met dezelfde registratie vóór en na de restauratie gespeeld, nu op de cd achter elkaar gemonteerd zijn. Duidelijker kan het toch niet. De stad Alkmaar heeft met dit herboren Müller-orgel opnieuw een historisch instrument van grote allure teruggekregen.

Dat Frank van Wijk niet alleen als organist maar ook als klavecinist actief is, is goed te horen. Hij beschikt over een heel scala aan articulatiemogelijkheden, maakt een prima gebruik van timing in zijn voordracht en kent de regels van de muzikale retorica. Dat alles maakt hem tot een boeiend vertolker.

Originaliteit kenmerkt zijn programma, dat vrijwel geheel is samengesteld uit muziek die is ontstaan rond de bouwtijd van het orgel. Van Johann Sebastian Bach speelt Van Wijk de manualiter-versie van het “kleine” e-Moll Preludium en Fuga (BWV 533a). De Toccata in D-Dur (BWV 912) is eigenlijk een klavecimbelwerk, waarvan echter ook een veel meer “orgelmatige” versie is overgeleverd in het zogenaamde “Möller-handschrift”. De Partita “Ach, was soll ich Sünder machen?” (BWV 770), een vroeg orgelwerk van Bach, laat daarentegen veel meer invloed vanuit de klavecimbelliteratuur zien, en ademt bovendien nog de geest van Böhm en Pachelbel.

Ook de Ouverture van Gerhardus Havingha is een compositie voor klavecimbel. Dat dit door de Noordduitse meesters beïnvloede werk niettemin uitstekend op het orgel is te realiseren, illustreert Van Wijk overtuigend.

De “galante” geluiden van het Müller-orgel komen ruimschoots aan bod in drie werkjes voor het “Spieluhr” van Carl Philipp Emanuel Bach en in twee stukken van Christian Friedrich Ruppe.

Van de kwaliteiten van het orgel als begeleidingsinstrument voor de gemeentezang kunnen vandaag de dag nog elke zondag de leden van de Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt profiteren. Voor deze cd illustreert Frank van Wijk die kant van het orgel in twee achttiende-eeuwse zettingen van de hand van Quirinus van Blankenburg en Fredrik Willem Michelet.

Het portret van het Alkmaarse Müller-orgel is haarscherp en zeer attractief. Dat is niet alleen te danken aan het gedreven en geprofileerde spel van Frank van Wijk, maar ook aan de fraaie opname van Jos van der Linden en Dick Koomans. Sterk aanbevolen derhalve. [BERT WISGERHOF]

Klik hier om dit artikel te bestellen

© 2006 www.orgelnieuws.nl

© 2006 fotografie www.betlehem.nl