Grandes Messes du XXe siècle [RECENSIE]

Nog geen cd met de Messe solennelle van Vierne in huis? Dan deze cd als de bliksem aanschaffen. De naamsbekendheid van deze Messe solennelle mag die van de overbekende kleine versie van Rossini wel eens wat naar de achtergrond drukken. Met deze Hortus krijgt u een prima uitvoering in huis en wordt u, of u nu wilt of niet, ook eens een kijkje gegund in de keuken der eigentijdse koormuziek al valt het gerecht u wellicht zwaar op de maag.

Bijna twintig jaar geleden assisteerde ik een plaatselijke organist tijdens een orgelconcert in Duitsland. Van de ingebruikname van het nog nieuwe orgel bleek een opname te zijn die ons door de gastheer in Duitsland op cassetteband werd aangeboden. We draaiden de cassette in de auto op weg naar huis. Voor het eerst hoorde ik het Gloria uit de Messe solennelle van Louis Vierne. Het bandje speelde vanwege de vele kilometers wel een paar keer en elke keer raakte ik in vervoering als dit koorwerk aan de beurt was.

Enkele jaren later kocht ik een complete uitvoering van de mis, op cd, opgenomen in de Notre-Dame met Pierre Cochereau aan de klavieren van het hoofdorgel en met de toenmalige Maîtrise van de Notre-Dame o.l.v. Jéhan Revert, die als koorknaap al zong onder Louis Vierne (1870-1937) en nu nog steeds de orgelconcerten in de Notre-Dame van een toelichting voorziet. Toen hoorde ik voor het eerst het openingsdeel (Kyrie) van deze mis en ik herinner me dat ik die cd de eerste dagen grijs heb gedraaid. Nog steeds lopen de rillingen over mijn rug als het gezongen slotakkoord (Kyrie) in majeur, samen met het immense orgel van de kathedraal, door de kerk heen dondert. Nadien hoorde ik de nodige opnames van het werk uitgevoerd in verschillende landen. De top twee bleek echter onaantastbaar. De bovengenoemde opname (Solstice/ FYCD 064) en de Motette registratie vanuit de Parijse Sacré-Coeur (Motette CD 40081) bleven met kop en schouders boven andere opnames uitsteken. Niet zozeer vanwege een hoger artistiek niveau, maar veeleer vanwege de enorme brok muzikaliteit en emotie die de grondtoon voor genoemde opnames vormde.

Bijna 30 jaar na de Cochereau-opname verschijnt weer een cd met de Messe solennelle, opgenomen in de Notre-Dame van Parijs: ‘Grandes Messes du XXe siècle’. Naast de mis van Vierne wordt ook de Missa Deo Gratias (2000) uitgevoerd van een van de organisten van de kerk, Jean-Pierre Leguay. Leguay neemt als organist in de Notre-Dame een nogal aparte plaats in. Het orgelspel van deze blinde musicus kenmerkt zich vooral door een zekere ingetogenheid. In tegenstelling tot zijn virtuoze collega’s Olivier Latry en Philippe Léfèbvre – die op deze cd de partij voor het hoofdorgel van Viernes Messe solennelle voor zijn rekening nam – zijn Leguays improvisaties tijdens de mis nogal statisch. Parijzenaars typeren hem nog wel eens als ‘monsieur cluster’ en verkiezen niet zelden de huidige twee collega’s die eveneens als opvolger van Pierre Cochereau werden aangewezen. Ook deze mis ligt voor de gemiddelde muziekliefhebber, laat staan kerkbezoeker, niet eenvoudig in het oor. De mis van Leguay bestaat uit drie delen. Het Gloria missen we omdat dit deel van die mis niet polifonisch wordt uitgevoerd tijdens missen in de Notre-Dame. Vierne schreef dus wel een Gloria maar diens mis werd in eerste instantie niet geschreven voor de liturgie van de Notre-Dame. In de mis van Leguay speelt, net zoals bij Vierne, het hoofdorgel een belangrijke en soms dominante rol. Blazers en percussie zorgen voor een extra dimensie en doen mij af en toe denken aan de Turangalîla symfonie van Olivier Messiaen. Ook bepaalde koorzettingen doen me denken aan de oud-organist van de Trinité te Parijs. Het is muziek waar de luisteraar echt voor moet gaan zitten en het is de vraag of deze ooit vat krijgt op de bedoelingen van de componist. Leguay schreef zelf een toelichting op het werk in het booklet maar blijft daarbij nogal op de vlakte. De kracht van Leguays improvisaties en eigen orgelmuziek zit naar mijn bescheiden mening in zijn verstilde en meditatieve orgelmuziek, zoals we die bijvoorbeeld tijdens een geïmproviseerd communion kunnen horen. Ook in dit werk waren het die bijkans mystieke delen die mij enigszins wisten te raken. Verder lijkt het mij muziek te zijn die te ver van het bed van menig orgel- en koormuziekadept en van een argeloze bezoeker van de Notre-Dame staat. Het Franse “Diapason” was lovend over de uitvoering van de Messe solennelle op deze cd en volstond met het slechts vermelden van de mis van Leguay. Veel verder kom ik ook niet. Het ‘Grande’ zit ‘m vooral in de grootte van dit werk, niet in de grootsheid.

Dan Vierne. Veel orgelvrienden verzuimen bij een bezoek aan de Notre-Dame van Parijs een bezoek te brengen aan het bescheiden Musée de Notre-Dame aan de noordzijde van de kerk. Niet alleen de oude speeltafel van de Cavaillé-Coll is daar te bewonderen, ook ligt er het manuscript van de Messe solennelle van Louis Vierne, gecomponeerd door de bijna blinde componist. Vierne gebruikte noodgedwongen grote muzieknoten; zijn bril en het grote potlood liggen op de bladmuziek. Dikwijls klinkt de Messe solennelle in de Notre-Dame en eerder werd deze mis dus opgenomen voor lp en cd.

Kun je nog onbevooroordeeld luisteren naar een nieuwe cd-registratie van een muziekstuk terwijl een van je favoriete cd’s, met de uitvoering van dit zelfde werk, al jaren in je kast staat? Dat is lastig, maar bij Hortus – de producent van deze cd – weet je vrijwel zeker dat ze met iets goeds komen. Onmiddellijk valt de kwaliteit van de opname op. Hortus beschikt over veel beter materiaal dan François Carbou die vanaf 1968 zo’n beetje alles van Pierre Cochereau opnam in de Notre-Dame. De koren en de beide orgels zijn prima te horen, alsof het de luisteraar gegund wordt om steeds bij het koor en de instrumenten plaats te nemen. Met name bij het koor, dat bij tijd en wijle trekjes van Engelse koren vertoont, is dat het geval. De zangers klinken zeer direct en soms iets té. Bij de zojuist genoemde indrukwekkende slotmaten van het Kyrie treedt dit koor zo ongenuanceerd op de voorgrond dat je bijna zou vermoeden dat er een montage in de opname zit. Toch is ook de Maîtrise van de Notre-Dame van betere kwaliteit dan dertig jaar geleden. Hoor je in de Cochereau-versie foutjes, onzuiverheden en is goede interactie tussen koor en orgel soms ver te zoeken, bij deze Hortus-opname loopt dat allemaal gesmeerd, ondanks de hoge moeilijkheidsgraad van dit werk. We horen het orgel van na de restauratie in 1992. De nasale en overheersende chamades uit Cochereaus tijd zijn naar de achtergrond verdreven maar het orgel behield het indrukwekkende tutti dat op vrijwel geen enkel ander orgel zo tot klinken kan worden gebracht. Het koororgel lijkt in die dertig jaar niet of nauwelijks veranderd te zijn. De heldere en vaak bescheiden klank vult de immense kathedraal nog steeds zonder moeite.

Het booklet is uitgebreid en voorzien van fraaie foto’s, al had ik de organisten liever zonder koptelefoon en duidelijker gefotografeerd gezien. Informatie over muziekstukken en musici in het Frans en het Engels met o.a. een toelichting door bovengenoemde Jéhan Revert. Hoe graag had ik diens mening over deze opname gehoord!

Nog geen cd met de Messe solennelle van Vierne in huis? Dan deze cd als de bliksem aanschaffen. De naamsbekendheid van deze Messe solennelle mag die van de overbekende kleine versie van Rossini wel eens wat naar de achtergrond drukken. Met deze Hortus krijgt u een prima uitvoering in huis en wordt u, of u nu wilt of niet, ook eens een kijkje gegund in de keuken der eigentijdse koormuziek al valt het gerecht u wellicht zwaar op de maag.

En wat doe ik? Het spijt me. Ik blijf bij mijn top twee. Het zal allemaal kwalitatief wat minder zijn maar de oude opnames geven mij wel de rillingen die ik bij Hortus in mindere mate ervaar. Waarom? Klinkt het toch allemaal iets Franser? Mis ik het ongekend felle orgel uit de Cochereau-tijd? Is het allemaal wat minder gladjes dan bij deze gloednieuwe uitvoering? Lagen de tempi net wat lager waardoor de muziek even die fractie tijd meer kreeg om tot haar recht te komen? Het kan allemaal zo zijn. Waarschijnlijk ben ik te zeer verknocht geraakt aan de uitvoering die mij destijds in vervoering bracht en me nog steeds stil maakt. Koopt u met een gerust hart deze prima Hortus-cd, dan houd ik het stiekem nog even bij het oude.


Cathédrale Notre-Dame de Paris

Grandes Messes du XXe siècle pour 2 orgues et choeur

Louis Vierne – Jean-Pierre Leguay

Philippe Lefebvre, Jean-Pierre Leguay – Grand Orgue
Yves Castagnet – Orgue de Choeur
Maîtrise Notre-Dame de Paris, direction Nicole Corti

Messe solennelle pour 2 orgues et choeur (Vierne); Missa Deo Gratias pour soprano solo, choeur mixte, deux orgues, deux trompettes, deux trombones et percussions (Leguay)

Label: Hortus
Bestelnummer: Hortus 055
Speelduur: 53’07”
Booklet: 36 pagina’s (F, E)
Prijs: € 22,50

Muzikale interpretatie: * * * * / * * * * *
Programmakeuze: * * *
Keuze van het instrument (en koor): * * * * *
Kwaliteit van de opname: * * * *
Informatie in het booklet: * * * *
Grafische vormgeving: * * *

© 2007 www.orgelnieuws.nl