RECENSIE Tournemire: Organ Chorales – Timothy Tikker

tournemire chorales Timothy Tikker

Je komt ze niet veel tegen: cd-producties die geheel gewijd zijn aan de orgelmuziek van Charles Tournemire. Daarom is het mooi dat nu een cd is verschenen die geheel gewijd is aan werken waarin Tournemire het genre beoefent dat door Franck werd geïntroduceerd: het choral pour orgue

Text Example

advertentie



Tournemire is wellicht het meest bekend geworden door zijn l’Orgue mystique, een enorm werk dat suites voor elke zondag van het kerkelijk jaar bevat. Alle delen daaruit gaan terug op Gregoriaanse gezangen. Maar net als Franck componeerde Tournemire de melodieën voor zijn Chorals zelf. Dat maakt ze persoonlijker en misschien ook toegankelijker.

Anders dan bij Franck zijn de koralen van Tournemire expliciet dragers van een religieuze boodschap. Zijn Triple Choral is een lofzang op de drie-enige God en zijn Chorals-Poèmes zijn gewijd aan de zeven kruiswoorden. 

Timothy Tikker

Deze acht werken worden uitgevoerd door de Amerikaanse organist Timothy Tikker, die nog orgel studeerde bij Jean Langlais. Volgens het booklet bij de cd gaf Langlais dit getuigenis van zijn leerling: ‘Ik verklaar dat de heer Timothy Tikker, die in 1984 onder mijn leiding heeft gestudeerd, een van de meest begaafde persoonlijkheden is die ik ooit ben tegengekomen.’

‘Met name in het werk van mijn leermeester Charles Tournemire heeft hij het grootste begrip en de sterkste affiniteit getoond, en ik aarzel niet te zeggen dat Timothy Tikker in de Verenigde Staten zonder twijfel een van de beste specialisten is op het gebied van het werk van Tournemire‘. Altijd mooi als je zo’n referentie kunt geven.

Opnamen

Nu hoort Tournemire niet tot het ijzeren repertoire. Het is dan ook niet zo waarschijnlijk dat iemand die een hele plaat aan Tournemire wijdt, geen affiniteit met zijn werk zou hebben. Ik ken in elk geval geen slechte Tournemire-platen.

Van de werken die op deze cd worden uitgevoerd, zijn de opnamen van Tjeerd van der Ploeg ook nog steeds beschikbaar via het budgetlabel Brilliant Classics. Maar ook deze van Timothy Tikker is uitstekend. Voor wie eens wil kennismaken met Tournemire is dit, vanwege het gekozen repertoire, zonder meer een aantrekkelijke cd. 

Triple Choral

Het Triple Choral is een relatief vroeg werk (1910), waarin de klankwereld van de drie Chorals van Franck nog dichtbij is. Maar naarmate het werk vordert, komt de latere Tournemire steeds nadrukkelijker naar voren.

Vooral het derde deel is betoverend: in de rechterhand de melodie geregistreerd met Voix Humaine en tremulant, in de linkerhand een fluit, in zowel voor de linker als de rechtervoet een partij op achtvoetsbasis. Volgens Tournemire zelf wordt daarin de stille loop van de sterren uitgebeeld. De eigenzinnigheid van Tournemire blijkt ook wel daaruit dat hij een grootse compositie kan besluiten met een derde deel dat verstild blijft zonder ergens tot stilstand te komen. 

Zeven kruiswoorden

De zeven klankgedichten bij de zeven woorden van de gekruisigde Christus vormen een zeer bijzonder werk, waarin Tounemire zijn eigen geluid helemaal gevonden heeft: soms heel lucide, soms juist hermetisch. Zijn werken krijgen hun bijzondere kleur door de modi die hij gebruikt. In de eerste vier van de zeven klankgedichten bij de kruiswoorden zijn dat kerkelijke modi, maar in de laatste drie hindoeïstische modi. Tournemire associeert die modi met de duisternis van de dood van Christus die steeds dichterbij komt. 

Het eerste deel waarin Tournemire zo’n modus gebruikt is deel vijf, bij het kruiswoord: ‘Ik heb dorst’. Dit is het eerste van de zeven dat door Tournemire gecomponeerd is en bevat een thema dat in alle delen terugkeert. De dorst is in dit deel voelbaar. Het opent met haast spookachtige klanken, veroorzaakt door de combinatie Voix Humaine en tremulant. Maar er komt toch vreugde in dit deel wanneer het koraalthema wordt geïntroduceerd. Dan ontstaat muziek die, zo mogelijk, nog mooier is dan die van het derde deel van het Triple Choral. Dat is ook de verdienste van de organist Timothy Tikker, die er een wonderschone uitvoering van geeft. 

Ook het zesde deel, bij het woord: ‘Vader, in uw handen beveel ik mijn geest’, is prachtig. Merkwaardig genoeg opent het als een fuga waarvan het thema zo’n hindoeïstische modus staat: F-G-As-Bes-C-Des-D. Maar wat een overgave klinkt er in de expositie van dat thema. Ook dat heeft alles te maken met de interpretatie van Tikker, die een mooi midden houdt tussen rubato en rust. Juist daarom is de gigantische dissonant die ineens klinkt schokkend: verlaat Jezus’ geest hier zijn lichaam? 

Het zou te veel van het goede zijn om alle delen afzonderlijk te bespreken. Daarom kort: het deel over ‘Heden zult gij met Mij in het paradijs zijn’ kent ook opnieuw zo’n betoverend slot, wanneer de koraalmelodie begeleid wordt door een minimal-achtige beweging. Heel anders, veel dramatischer, is het vierde deel, bij ‘Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten?’ Dit deel heeft de vorm van een passacaglia. Maar wat een kale passacaglia, als er slechts één tegenstem klinkt. Tegen het einde klinkt er slechts één heel zachte stem: de ultieme verlatenheid. 

Bijzonder instrument

Timothy Tikker heeft gekozen voor een bijzonder instrument in Lyon. Niet het bekende Cavaillé-Coll-orgel in de Église Saint-François de Sales, maar het orgel van Michel Merklin & Kuhn uit 1936 in de Église Saint-Bonaventure. Het betreft een groot orgel in twee kassen van Callinet uit 1845. Die kassen zijn, voor de 66 stemmen die ze moeten bevatten, eigenlijk te klein. Op de foto’s in het booklet is te zien dat er ook pijpwerk naast de kassen staat, wat geen fraai gezicht is.

Tournemire trad op als adviseur bij de bouw, en al zijn registratievoorschriften zijn er zonder aanpassingen uitvoerbaar. Een prachtig instrument: nu eens geweldig imposant, dan weer teder en poëtisch. 

Kanttekening

Toch één kritische opmerking. De registratie Voix Humaine met tremulant komt nogal eens voorbij. Dit register mengt echter niet zo goed met de labialen en ligt er wat bovenop. In combinatie met de tremulant ontstaat er dan een wat Hammond-orgel-achtige klank. Bij het vijfde kruiswoord zorgt dat precies voor de juiste atmosfeer, maar bij frequenter gebruik gaat deze sound toch wat irriteren.

Ook valt op dat het toevoegen van de mixturen een nogal sterke toename van het volume veroorzaakt. Beide verschijnselen doen zich niet voor in de uitvoering van Tjeerd van de Ploeg op het Mutin-orgel in Douai. Daar mengt de Voix Humaine veel beter en sluiten de vulstemmen harmonieuzer aan bij de grondstemmen.

Memorabel

Maar afgezien van deze kanttekening kan deze cd worden toegevoegd aan de andere memorabele Tournemire-vertolkingen. Aanbevolen!

Tournemire: Organ Chorales

Triple Choral: Sancta Trinitas. Op. 41 (1910); Sept Chorals-Poèmes pour les Sept Paroles du Xrist, op. 67 (1935): ‘Pater, dimitte illis; nesciunt enim quid faciunt’; ‘Hodie mecum eris in Paradiso’; ‘Mulier, ecce filius tuus, Ecce Mater tua’; ‘Eli, Eli, lamma sabacthani’; ‘Sitio’; ‘Pater, in manos tuas commendo spiritum meum’; ‘Consummatum est’

Timothy Tikker, Michel Merklin & Kuhn-orgel (1936), Église Saint-Bonaventure, Lyon (F)

Raven – Oar-186, TT 78’50, opname 2024, booklet 16 pp. (EN), prijs $ 15,98 | ravencd.com