Great European Organs No. 95 – Mariannhill, Würzburg

In 1948/49 bouwde de firma Steinmeyer een nieuw orgel (53/IIIP) in de kloosterkerk Mariannhill te Würzburg. Het instrument kreeg een bij de kerk passend, modern, open front, maar dankzij vele acht- en viervoeten een conservatief, laatromantisch geluid. Dat is te horen op cd Nr. 95 die Priory in de serie ‘Great European Organs’ heeft uitgebracht.

 

Het orgel in Würzburg werd afgeleverd door Hans Steinmeyer, kleinzoon van de oprichter van de firma, G.F.Steinmeyer. Een echt Duits orgel is het, dat dankzij nogal platte mixturen en soms wat ranzige grondstemmen sterk aan de jaren dertig doet denken. Desalniettemin is het een instrument dat boeit, omdat het karakter heeft. Het orgel, dat de tijd vrijwel ongeschonden is doorgekomen, is drie jaar geleden gerestaureerd. Hierbij is het pedaal met twee 32-voetsregisters uitgebreid. Sindsdien klinkt het groots als nooit te voren.

 

De cd die de organist van de kloosterkerk, Rudolf Müller, op dit Steinmeyer-orgel heeft gemaakt, onderscheidt zich doordat er maarliefst drie schertsende stukken op staan: het Scherzo van Duruflé, het Scherzetto van Jongenen het Scherzando de Concert van Pierné. Teveel van het goede? In geen geval, want ze passen prima in het programma en Müller voert ze stuk voor stuk voortreffelijk uit: het Scherzando van Pierné wordt zelden zo licht en speels voor het voetlicht gebracht.

 

Andere stukken op deze cd delen in deze speelsheid: Bachs Praeludium en Fuga in G bijvoorbeeld klinkt zo sprankelend dat ook dit wel een scherzo lijkt. Niet minder sprankelend klinkt ‘An fließenden Wassern’ van de Zwitserse componist Rütti. Minimalmusic is het, waarin de legende wordt verteld over de stroom van de Rijn die voor de Heilige Fridolinus eens op wonderbaarlijke wijze werd verlegd. Alleen jammer dat de klankenstroom in de loop van het stuk door Rütti in nogal voorspelbare perioden wordt gekanaliseerd. Volgens mij stond dat niet in het verhaal..

 

Ook Regers Phantasie und Fuge über BACH zou door meer ‘stroming’ aan overtuigingskracht hebben gewonnen. Müller voert het stuk netjes uit, maar gaat daarbij zo ‘kanaliserend’ te werk, dat deze grootste muziek niet aan alle kanten bruisen gaat.

 

Overtuigend daarentegen klinkt Zsolt Gárdony’s Hommage à F. Liszt. Het is een compositie waarin motieven van Liszt tevoorschijn komen in een eigentijds, kleurig klankgewaad. Orgel, orgelwerk en organist vormen hier een prachtige eenheid. Maar het is dan ook muziek die perfect op dit Große Europäische Orgel past.

 

 

Great European Organs No. 95

Rolf Müller plays the Steinmeyer Organ of Monastery Church, Mariannhill, Würzburg

 

Prelude and Fugue in G major BWV 541 (Bach); An fliessenden Wassern from Vita – The Life of Saint Fridolin (Rütti); Hommage a F. Liszt (Gardonyi); Trois Pieces Op. 29 (Pierné); Scherzo op.2 (Duruflé); Hymne d’Actions de graces ‘Te Deum’ (Langlais); Recueillement et Beatitude (Reuchsel); Scherzetto op. 108/1 (Jongen); Fantasie und Fuge on BACH Op. 46 (Reger) 

 

Label: Priory Records
Nummer: PRCD 1127
Speelduur: 68’39
Booklet: 24 pagina’s (EN)
Prijs: € 18,50

 

[button link=”http://www.orgelshop.nl/orgelnieuws” target=”_new” title=”BESTELSERVICE”][/button]

 

 

Het Steinmeyer-orgel is onder meer te beluisteren op YouTube:

 

Naschrift: nog aardig is het om te vermelden dat in de crypte van de kloosterkerk een klein maar karakteristiek orgel uit 1906 van G.F. Steinmeyers leerling en compagnon, Johannes Strebel, te vinden is.