Het orgel van K.B. Blank & Zn. uit 1973 in de Hervormde Kerk te Uddel heeft in 2025 omvangrijk onderhoud ondergaan. Mense Ruiter & Van Rossum Orgelmakers voerde de werkzaamheden uit. Daarbij is naast technische herstel nadrukkelijk aandacht besteed aan de intonatie van het instrument.
De ingebruikname van het orgel vond op 28 maart 1973 plaats. Bij deze gelegenheid werd het bespeeld door Hans Erné, die tevens als adviseur bij de totstandkoming betrokken was. In de daaropvolgende decennia bleef het instrument grotendeels ongewijzigd en bleef noemenswaardig onderhoud uit.
21ste eeuw
In de 21ste eeuw werden kleinere onderhoudswerkzaamheden en corrigerende stembeurten uitgevoerd door Henk Klop, destijds gemeentelid te Uddel. In deze periode werd de oorspronkelijke inliggende kanaaltremulant (reversibel) vervangen door een pneumatische tremulant van Laukhuff. Ook werden de voetpunten van de frontpijpen en van de grootste pijpen van de Bourdon 16’ vernieuwd door oud-Blank-medewerker Anton Steffani.
Groot onderhoud
Na ruim vijftig jaar bleek groot onderhoud noodzakelijk. De opdracht werd verstrekt aan Mense Ruiter & Van Rossum Orgelmakers te Ten Post en Wijk en Aalburg.
Orgelkas
De orgelkas werd grondig gereinigd en waar nodig ontdaan van schimmelvorming. Ter verbetering van veiligheid en bereikbaarheid zijn achter het orgel nieuwe stemvloeren aangebracht.
Daarnaast werd de kas voorzien van nieuwe LED-verlichting bij de klavieren, lessenaar en het pedaal. Een bestaande, ongebruikte boring voor een signaallampje werd benut voor de plaatsing van een lichtschakelaar. De werkverlichting buiten de kas werd aangebracht door een vrijwilliger uit de gemeente.
Registerplaatjes
Onder leiding van kerkrentmeester Bartus van Vliet – tot zijn pensionering mede-eigenaar van een schildersbedrijf – werd de orgelkas opnieuw in de was gezet. Van Vliet verzorgde tevens de beschildering van de door de orgelmakers vervaardigde nieuwe houten registerplaatjes, uitgevoerd in de stijl van Blank uitgevoerd. Hiermee werden eerdere kunststof exemplaren vervangen die onder meer spelfouten bevatten als Dulicaan 8 en Terst 1 3/5.
Van de klavieren werd de zijwaartse speling teruggebracht tot een minimum. De dempingsmaterialen werden vernieuwd, waarbij alle zichtbaar groen vilt werd vervangen door leer. Leermoeren zijn waar nodig vervangen en mechaniekdelen werden, waar nodig en mogelijk, gegrafiteerd.
Windvoorziening en windladen
De beide magazijnbalgen zijn opnieuw beleerd en de kanalisatie winddicht gemaakt. In de windladen werden de telescoophulzen verwijderd. Er werd nu liegelind aangebracht op de lade en onder de stokken. De damhoogte werd hierop aangepast. Ter vervanging van de kunststof hulzen zijn nieuwe pulpeten in klassieke stijl aangebracht.
Pijpwerk
Het pijpwerk werd integraal gereinigd. Van de frontpijpwerk zijn de steminrichtingen hersteld. De frontpijpen werden gepoetst met behoud van het bestaande patina. Op de labia werd nieuw bladgoud aangebracht door Bartus van Vliet.
Het orgel onderging een gedeeltelijke herintonatie op de bestaande winddruk. Intonateur Sander Booij werd hierbij geassisteerd door Hans van Rossum die het orgel in 1973 als medewerker van Blank intoneerde. In het kader van deze werkzaamheden werd de Prestant 8 vt grotendeels ontdaan van kernsteken en werd de klanksterkte van de Mixtuur beter passend gemaakt binnen het plenum. De balans in het klankbeeld verschoof iets meer naar draagkracht in de bas. De verdere intonatie werd doorgelopen en waar nodig geëgaliseerd.
Dulciaan
De Dulciaan 8 onderging een ingrijpende herziening. Naast regulier herstel, zoals het weer sluitend maken van koppen en stevels, werden de klapdeksels op de bekers verwijderd. Door het opschuiven van de bekers werden wijdere diameters en langere bekerlengtes gerealiseerd. Hiertoe werden negen nieuwe bekers ingepast (C-F, b2, cis3, e3 en g3). In de bas werden dikkere tongen toegepast, deels door bestaande tongen op te schuiven en op maat te maken, en waar nodig nieuw tongen te maken.
Tot slot werd de enigszins naar Werckmeister III neigende temperatuur gewijzigd naar Young II.
Oplevering
De werkzaamheden werden in januari 2026 opgeleverd.

Dispositie
Hoofdwerk C-g3
Bourdon 16 vt. – C en Cis hout, D-g3 orgelmetaal met vastgesoldeerde deksels
Prestant 8 vt. – volledig in het front
Gedekt 8 vt. – orgelmetaal met vastgesoldeerde deksels
Octaaf 4 vt.
Octaaf 2 vt.
Mixtuur 4-6 st.
Dulciaan 8 vt. – houten stevels/koppen, bekers Cis en Dis gekropt
Bovenwerk C-g3
Holpijp 8 vt. – volledig gehamerd orgelmetaal, vastgesoldeerde deksels
Viola di Gamba 8 vt. – C-H uit Holpijp 8; volledig gehamerd orgelmetaal; opschrift c0 ‘Fluit Travers 8’
Roerfluit 4 vt. – gehamerd orgelmetaal; c-f2 vastgesoldeerde deksels met uitwendige roeren, fis2-g3 conisch open
Nasard 3 vt. – conisch, open
Woudfluit 2 vt. – cilindrisch open, wijde mensuur
Terts 1 3/5 vt. – cilindrisch open, engere mensuur
Pedaal C-f1
Bourdon 16 vt. – transmissie Hoofdwerk
Prestant 8 vt. – transmissie Hoofdwerk
Werktuiglijke registers
Koppel H.W. – Ped.
Koppel N.W. – Ped.
Koppel H.W. – N.W.
Tremulant – op het gehele werk
Toonhoogte: a = 440 Hz. bij 18,0º Celsius
Temperatuur: Young II
Windvoorziening: twee magazijnbalgen
Winddruk: 72,5 mm waterkolom
Samenstelling Mixtuur
C 1 1/3 1 2/3 1/2 c 2 2/3 2 1 1/3 1 c1 4 2 2/3 2 1 1/3 1 c2 4 2 2/3 2 2/3 2 2 1 1/3 c3 4 4 2 2/3 2 2/3 2 2
Bron: Mense Ruiter & Van Rossum Orgelmakers



