RECENSIE Bach: Auf meinen lieben Gott – Cristina García Banegas

cd cristina garcía banegas bach

Al vanaf 1992 is Cristina García Banegas bezig met haar Bach-integrale. In de loop der jaren heeft ze meerdere labels nodig gehad om die missie te voltooien. Zo kwam het negende album uit bij Tuliprecords, het label DMP-records biedt haar nu de mogelijkheid om de serie af te ronden. Inmiddels zijn daar vanaf 2017 de vier nieuwste delen verschenen.

Voor dit 19e album toog Banegas naar het Trost-orgel in Altenburg. Niet zomaar een instrument, Bach heeft het gekeurd en leerling Krebs is er jarenlang organist van geweest. Omdat Krebs in zijn composities graag de lookalike van zijn leermeester wilde zijn is het een boeiend instrument om je te verplaatsen in de klankwereld van Bach. 

Het instrument in Altenburg klinkt net iets verfijnder dan de grote zus in Waltershausen. De akoestiek van de Schloßkirche werkt hier ook een dankbaar handje aan mee. Een mooie anekdote is dat Bach het orgel ooit bespeelde tijdens een eredienst. Blijkbaar raakte de stralende Gravität van deze Trost hem wel en bracht hij ook de gemeente in vervoering door al transponerend het Credo te begeleiden.

Banegas bereikt hier de staart van haar Bach-integrale. Het nadeel is dat je aan het einde van de serie vaak met een ‘restpartij’ aan kleinere werken blijft zitten. Dat is ook hier het geval. Een groot deel van deze dubbel-cd is gewijd aan Bach-apocriefen in de vorm van kleinere koraalvoorspelen.

De Duitse musicoloog Reinmar Emans bundelde deze koralen al eens in een thematische catalogus met de oproep ‘Bach-koralen zoeken een auteur!’. Dat zoeken zal wel nooit afgerond worden. In veel gevallen wordt de link met de grootmeester gelegd omdat zijn naam, al dan niet afgekort of slecht leesbaar, in verband met het betreffende koraal wordt gebracht. Er zitten zeker boeiende creaties tussen, maar soms mis je echt de kwaliteit die we van Bach gewend zijn. Ook de datering is soms lastig. Het klankidioom kan heel achttiende-eeuws zijn, terwijl de gebruikte technieken dan weer niet bij de levensfase van Bach passen.

Al bijna dertig jaar is Banegas bezig bent met deze integrale. Het is dan ook boeiend om haar ontwikkeling te volgen. In 2006 prees recensent Arjen van Kralingen haar pittige spel met bijbehorende vlotte tempi. Hoe is dat 15 jaar later?

Het lijkt erop dat zij haar interpretatie in de loop der jaren heeft bijgesteld. Van die oude voortvarendheid is bij de openingspartita weinig te merken, deze klinkt bezonken, op andere moment is het gelukkig energieker. Alhoewel ze mooi speelt, registreert en articuleert mis ik toch een beetje de creativiteit om in deze eenvoudige koralen meer passie te leggen.

Met zo’n hoeveelheid aan kleine koralen is het wel een uitgelezen kans om alle schakeringen van Trosts meesterwerk te leren kennen. Trost stond, meer nog dan Silbermann, helemaal in de Midden-Duitse traditie. Voor een beetje grondtonigheid moet je de prestanten wel aanvullen met strijkers en fluiten, maar dan klinkt er ook wat. Fluiten zijn individueel weer heel mooi. Een typisch kenmerk is de spuck, waarvan soms zoveel aanwezig is – zoals bijvoorbeeld bij de Bordun 8’ van het hoofdwerk – dat het klinkt als een kraan die staat te druppelen. Dat is even grappig, maar daarna ook wel irritant. Blijkbaar had Trost deze fluit niet helemaal op het oog als individueel register. Grotere registraties komen op deze dubbelaar wat minder aan bod.

DMP-records heeft de moed om gelijktijdig de Bach-integralen van Banegas en Van Dijk op de markt te brengen. Een vergelijking is daarom is onvermijdelijk, zeker ook omdat er programmatisch een overlap is met Van Dijks recente album op Hinsz-orgels. Het heeft niets met chauvinisme te maken als ik zeg dat dan Pieter van Dijk de boventoon voert. Ondanks overeenkomsten in interpretatie wint hij het qua fijnzinnige articulatie en registratie. Eerlijk gezegd hoor ik toch liever de Banegas uit 2006 dan die van recentere datum. 

Hoe dan ook heeft Daniel van Horssen een hele mooie opname van het Trost-orgel in Altenburg gemaakt, waardoor het ondanks de kritische kanttekeningen bij het spel aangenaam luisteren is. De uitgave is mooi vormgegeven. Het booklet is beknopt maar informatief, met korte aandacht voor ieder koraal en een overzicht van de gebruikte registraties. Klasse!

Waardering: 3 uit 5.

Johann Sebastian Bach – Auf meinen lieben Gott – Cristina García Banegas 

Partite diverse sopra ‘Ach, was soll ich Sünder machen’ BWV 770; Orgelchoräle BWV 690, 696, 702, 713, 723, 744, 749, 758, 763, 1094, 1098; 1101, 1105, 1108, 1110, 1117 BWV Anh 52, 62a, 62b, 63, 64, 65, 78 Emans 25, 72, 129, zonder BWV; Fuga c-moll BWV 575; Fuga g-moll BWV 131a; Fuga a-moll BWV 947; Fantasia c-moll BWV 1121, Fuga; Trio c-moll BWV 585 

Cristina García Banegas, Trost-orgel, Schloßkirche, Altenburg (D)

DMP-records – DVH 140332, TT 122’48, opname 09/2019, prijs € 25,00 | dmp-records.nl