23 oktober 2019

RECENSIE Seriously Hasselt – Evan Bogerd op het Knol-orgel in de Stephanuskerk

Een goed verstaander heeft genoeg aan een half woord. Een orgelliefhebber heeft genoeg aan een plaatsnaam. Haarlem. Zwolle. Kampen. Hasselt. Geen orgelliefhebber die Hasselt en zijn Knol niet kent.

Een bijzonder stadsorgel – het laatste stadsorgel ooit in ons land gebouwd! – in een bijzondere kerk, gezegend met een akoestiek waarin de Knol vrij teugel krijgt. Ja, een bijzonder orgel, met een heuse Bazuin 16′ in het hoofdmanuaal. Laten we het houden op een krachtige Trompet. En krachtig is dit orgel, en zeer sprekend!

Opus magnum

Rudolph Knol, uit Duitsland afkomstig, komt nog uit de school van Arp Schnitger. Na omzwervingen door de Noordelijke Nederlanden maakte hij in 1809 in Hasselt zijn opus magnum. Nou, magnum; het instrument is niet echt groot en heeft pas in de 60-er jaren een zelfstandig pedaal (4 registers, waaronder nog een Bazuin 16′) gekregen, gemaakt door K.B. Blank. Maar het orgel is wel groots, want karaktervol, aangenaam poëtisch en in het volle werk zeer bevredigend.

Geen lichte niemendalletjes

Deze plaat heet seriously Hasselt. Die naamgeving wordt in het boekje niet nader toegelicht, maar ik vermoed dat de uitgever aangeeft dat hier nu serieus literatuur wordt gespeeld. Ooit heeft Wouter van den Broek dat ook gedaan in de serie Fidelio Prestant, maar veel vaker horen we uit Hasselt religieuze improvisaties gelardeerd met lichte niemendalletjes uit de literatuur op een nu en dan steigerende Knol.

Karg-Elert komt in Hasselt niets tekort

Evan Bogerd heeft een heel andere stijl van dresseren. Hij neemt niet alleen zijn orgel volop serieus, maar ook de literatuur die hij speelt. Karg-Elert klinkt grillig, heftig, intens en zeer virtuoos. Zelden heb ik de het prachtige Sinfonischer Choral Jesu, meine Freude zó doorleefd gehoord! Bijzonder vond ik dat, als je dit werk op kathedrale instrumenten als bijvoorbeeld in de Dom van Trier in je collectie hebt, je tevoren vreest dat zoiets in Hasselt te kort komt. Niets is echter minder waar! Bogerd weet zijn orgel zo te bespelen dat Karg-Elert werkelijk symfonisch klinkt.

Wat een orgel!

Bachs bijzondere Vater unser uit Clavierübung III is een aangenaam rustpunt na het infernale geweld van Karg-Elert. Bogerd laat dan met zijn bezonken spel horen hoe fraai ook Bach hier klinkt. Het beknopte kunstwerk van onze Piet Post laat in allerlei uitgekiende registercombinaties ook de verstilde en verfijnde kant van het orgel horen. Ook Reubke komt geweldig uit de verf. Het middendeel laat op een bijzondere wijze de zoete vrede na alle strijd van het eerste deel horen. Wat een orgel!

Serious art

Bogerd eindigt met een knappe improvisatie – niet zo’n tweedehands geval uit de refokringloopwinkel waarmee de Knol al al te vaak is mishandeld, maar ook serious art. Geheel in stijl is het artwork. Het is weldadig dat ook boekje en fotowerk sporen met het niveau van zo’n productie. Benieuwd naar meer serieuze kunst uit Hasselt! seriously Hasselt – seriously great!

 


Seriously Hasselt- Evan Bogerd

Sinfonischer Choral ‘Jesu, meine Freude’ Op. 87 Nr. 2 (Karg-Elert); ‘Vater unser im Himmelreich’ BWV 682 (Bach); Partita over het Gebed des Heren (Post); Der 94ste Psalm. Sonate für die Orgel (Reubke); Improvisatie ‘Allen Gott in der Höh sei Ehr’ (Bogerd)

Tulip Records – TURE 185016, TT 81′, booklet NE/EN 16 p., prijs € 18,50 | evanbogerd.nl

 

X